Naar inhoud springen

Pagina:Wetboek van Strafregt. Code Pénal (1867).pdf/101

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen
hebben, zal met de kaak (eene correctionele gevangenisstraf van drie tot vijf jaren, en ontzetting van de regten in art. 8 dezer wet (29 Junij 1854) vermeld, voor vijf tot tien jaren) gestraft worden.
Art. 8, wet
29 Junij 54.
— — — De ontzetting van de waarneming van bedieningen of ambten is echter in de gevallen van art. 5 dezer wet (29 Junij 1854) — — — alleen dan niet verpligtend, wanneer de regter art. 463 van het Wetboek van Strafregt toepast.
264. De verordeningen van deze onder-afdeeling zijn niet toepasselijk dan op beroeringen, beleedigingen, of feitelijkheden, wier aard of omstandigheden achtervolgens de andere verordeningen van dit Wetboek, geen plaats geven aan zwaarder straffen.
264. Les dispositions du présent paragraphe ne s'appliquent qu'aux troubles, outrages ou voies de fait dont la nature ou les circonstances ne donneront pas lieu à de plus fortes peines, d'après les autres dispositions du présent Code.

VIJFDE AFDEELING.

SECTION V.

Verbindtenis van kwaaddoeners, landlooperij en bedelarij.

Associations de malfaiteurs, vagabondage et mendicité.

§ 1.

§ 1.

Verbindtenis van kwaaddoeners.

Associations de malfaiteurs.

265. Alle verbindtenis van kwaaddoeners tegen personen of goederen, is een misdaad tegen de openbare rust. 265. Toute association de malfaiteurs envers les personnes ou les propriétés, est un crime contre la paix publique.
266. Deze misdaad bestaat, zoodra er een op- of inrigting van benden, of verstandhouding tusschen hen en hun hoofden of bevelvoerders plaats grijpt, of eenige overeenkomst om rekening of verdeeling te doen van de buit der wandaden. 266. Ce crime existe par le seul fait d'organisation de bandes ou de correspondance entre elles et leurs chefs ou commandants, ou de conventions tendant à rendre compte ou à faire distribution ou partage du produit des méfaits.
267. Wanneer deze misdaad van geenerlei andere vergezeld of gevolgd mogt zijn, zullen de aanleggers, bestuurders der verbindtenis, en de opper- of onderbevelvoerders dezer benden, met dwangarbeid voor een tijd (eene tuchthuisstraf van minstens vijf en hoogstens vijftien jaren) gestraft worden. 267. Quand ce crime n'aurait été accompagné ni suivi d'aucun autre, les auteurs, directeurs de l'association, et les commandants en chef ou en sous-ordre de ces bandes, seront punis des travaux forcés à temps.
268. Met het tuchthuis (van vijf tot tien jaren) zullen gestraft worden, alle 268. Seront punis de la réclusion tous autres individus chargés