Naar inhoud springen

Pagina:Wetboek van Strafregt. Code Pénal (1867).pdf/110

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

TWEEDE TITEL.

TITRE II.

Misdaden en wanbedrijven tegen bijzondere personen.

Crimes et délits contre les particuliers.

EERSTE HOOFDSTUK.

CHAPITRE I.

Misdaden en wanbedrijven tegen personen.

Crimes et délits contre les personnes.

(vastgesteld den 17 van sprokkelmaand 1810, afgekondigd den 27 derzelfde maand).

(loi décrétée le 17 février 1810, promulguée le 27 du même mois).

EERSTE AFDEELING.

SECTION I.

Doodslag en andere hoofdmisdaden, bedreigingen van feitelijkheden tegen personen.

Meurtre et autres crimes capitaux, menaces d'attentats contre les personnes.

§ 1.

§ 1.

Doodslag, moord, vadermoord, kindermoord, vergiftiging.

Meurtre, assassinat, parricide, infanticide, empoisonnement.

295. Nederlaag van een mensch wordt doodslag of manslag genoemd. 295. L'homicide commis volontairement est qualifié meurtre.
296. Alle doodslag of manslag met voorbedachten rade, of met geleider lage begaan, wordt moord genoemd. 296. Tout meurtre commis avec préméditation ou de guet-apens, est qualifié assassinat.
297. Met voorbedachten rade wordt een doodslag begaan, wanneer er vóór de daad, een opzet genomen is, om een bepaalden persoon of zelfs dengene, dien men vinden of ontmoeten zal, aan te vallen; wanneer zelfs dit opzet van eenige omstandigheid of eenig voorval mogt afhangen. 297. La préméditation consiste dans le dessein formé, avant l'action, d'attenter à la personne d'un individu déterminé, ou même de celui, qui sera trouvé ou rencontré, quand même ce dessein serait dépendant de quelque circonstance ou de quelque condition.
298. Het geleider lage bestaat in het langer of korter opwachten van iemand op een of meer plaatsen, hetzij om hem het leven te nemen [1]), hetzij om eenige daden van geweld aan hem te plegen. 298. Le guet-apens consiste à attendre plus ou moins de temps, dans un ou divers lieux, un individu, soit pour lui donner la mort, soit pour exercer sur lui des actes de violence.
299. Vadermoord wordt genoemd de doodslag van wettigen, natuurlijken of aangenomen (adoptiven) vader of moeder, of van eenigen wettigen grootvader of grootmoeder (adscendent) in eerder of meerder graad. 299. Est qualifié parricide le meurtre des pères ou mères légitimes, naturels ou adoptifs, ou de tout autre ascendant légitime.
300. Kindermoord wordt genoemd de doodslag van een jonggeboren kind. 300. Est qualifié infanticide le meurtre d'un enfant nouveau-né.
  1. Beter: benemen.