Deze pagina is proefgelezen
| gesteld, zal zijn van twee tot vijf jaren, en de geldboete van vijftig tot vier honderd franken, tegen de voogden of voogdessen, leermeesters of leermeesteressen, van het kind, door hen of op hun last te vondeling gelegd of verlaten. | cédent article sera de deux ans à cinq ans, et l'amende de cinquante [francs] à quatre cents francs, contre les tuteurs ou tutrices, instituteurs ou institutrices de l'enfant exposé et délaissé par eux ou par leur ordre. | |
| 351. In gevalle ten gevolge van het te vondeling leggen of verlaten bij artikel 349 en 350 vermeld, het kind verminkt of (aan) lijf of leden beschadigd gebleven is, zal de daad aangemerkt worden als moedwillige kwetsing, het kind door degene, die het te vondeling gelegd of verlaten heeft, toegebragt: en in gevalle de dood daarop gevolgd is, zal de daad als doodslag beschouwd worden. In het eerste geval zullen de schuldigen de straf ondergaan, die bij moedwillig toegebragte kwetsuren is op te leggen, en in het andere geval die van den doodslag. | 351. Si, par suite de l'exposition et du délaissement prévus par les articles 349 et 350, l'enfant est demeuré mutilé ou estropié, l'action sera considérée comme blessures volontaires à lui faites par la personne qui l'a exposé et délaissé; et si la mort s'en est ensuivie, l'action sera considérée comme meurtre: au premier cas, les coupables subiront la peine applicable au blessures volontaires; et, au second cas, celle du meurtre. | |
| 352. Degenen, die een kind van beneden de volle zeven jaren op eene niet eenzame plaats te vondeling gesteld en verlaten zullen hebben, zullen met eene gevangenzetting van drie maanden tot een jaar, en eene geldboete van zestien tot honderd franken gestraft worden. | 352. Ceux qui auront exposé et délaissé en un lieu non solitaire, un enfant au-dessous de l'âge de sept ans accomplis, seront punis d'un emprisonnement de trois mois à un an; et d'une amende de seize francs à cent francs. | |
| 353. Het wanbedrijf bij het vorig artikel gemeld, zal met een gevangenzetting van zes maanden tot twee jaren en eene geldboete van vijf en twintig tot twee honderd franken gestraft worden, in gevalle het begaan is door de voogden of voogdessen, leermeesters of leermeesteressen van het kind. | 353. Le délit prévu par le précédent article sera puni d'un emprisonnement de six mois à deux ans, et d'une amende de vingt-cinq francs à deux cents francs, s'il a été commis par les tuteurs ou tutrices, instituteurs ou institutrices de l'enfant. |
§ 2. |
§ 2. |
|
Opligting of wegvoering van minderjarigen. |
Enlèvement de mineurs. |
|
| 354. Al wie door middel van bedrog of geweld, minderjarigen zal hebben opgeligt of weggevoerd, of doen opligten of wegvoeren; of hen zal hebben medegenomen, weggeleid of weggebragt, of doen medenemen, wegleiden of wegbrengen van de plaatsen, waar zij door degenen aan wier gezag of bestuur zij | 354. Quiconque aura, par fraude ou violence, enlevé ou fait enlever des mineurs, ou les aura entraînés, détournés ou déplacés, ou les aura fait entraîner, détourner ou déplacer des lieux où ils étaient mis par ceux à l'autorité ou à la direction desquels ils |