Naar inhoud springen

Pagina:Wetboek van Strafregt. Code Pénal (1867).pdf/128

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen
wegens welke de daders van dit wanbedrijf in deze omstandigheid zouden mogen beklaagd worden.
Dezelfde straf zal plaats grijpen tegen degenen, die zich, op welk eene wijze ook, tegen de wet en de reglementen betrekkelijk de begravingen vóór den tijd, vergrepen zullen hebben.
crimes dont les auteurs de ce délit pourraient être prévenus dans cette circonstance.
La même peine aura lieu contre ceux qui auront contrevenu, de quelque manière que ce soit, à la loi et aux règlements relatifs aux inhumations précipitées.
(Zie art. 53 van het burgerlijk Wetboek)
359. Al wie het lijk van iemand, die omgebragt of aan de gevolgen van bekomen slagen of kwetsuren overleden is, verheeld of verborgen zal hebben, zal gestraft worden met een gevangenzetting van zes maanden tot twee jaren, en eene geldboete van vijftig tot vier honderd franken; onverminderd zwaarder straffen, zoo hij deel in de misdaad heeft. 359. Quiconque aura recélé ou caché le cadavre d'une personne homicidée ou morte des suites de coups ou blessures, sera puni d'un emprisonnement de six mois à deux ans, et d'une amende de cinquante francs à quatre cents francs ; sans préjudice de peines plus graves, s'il a participé au crime.
360. Met gevangenzetting van drie maanden tot een jaar, en zestien tot twee honderd franken geldboete, zal gestraft worden, al wie zich schuldig gemaakt zal hebben aan schending van graven of bewaarplaatsen [1]); onverminderd de straffen op de misdaden of wanbedrijven, die hiermede gepaard mogten zijn. 360. Sera puni d'un emprisonnement de trois mois à un an, et de seize francs à deux cents francs d'amende, quiconque se sera rendu coupable de violation de tombeaux ou de sépultures; sans préjudice des peines contre les crimes ou les délits qui seraient joints à celui-ci.

ZEVENDE AFDEELING.

SECTION VII.

Valsch getuigenis, lastering, smaadwoorden of smaadredenen, verrading van geheimen.

Faux témoignage, calomnie, injures, révélation de secrets.

§ 1.

§ 1.

Valsch getuigenis.

Faux témoignage.

361. Al wie schuldig zal zijn aan valsch getuigenis in zake van misdaad, hetzij tegen den beschuldigde, hetzij ten zijnen voordeele, zal met de straf van dwangarbeid voor een tijd (eene tuchthuisstraf van minstens vijf en hoogstens vijftien jaren) gestraft worden.
In gevalle echter de beschuldigde tot zwaarder straf dan dwangarbeid voor een tijd (eene tuchthuisstraf van minstens
361. Quiconque sera coupable de faux témoignage en matière criminelle, soit contre l'accusé, soit en sa faveur, sera puni de la peine des travaux forcés à temps.

Si néanmoins l'accusé a été condamné à une peine plus forte que celle des travaux forcés à
  1. Beter: begraafplaatsen.