Naar inhoud springen

Pagina:Wetboek van Strafregt. Code Pénal (1867).pdf/145

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen
Art. 18 wet
29 Junij 54.
Met gevangenisstraf van zes dagen tot eene maand, met of zonder geldboete van acht tot vijf en zeventig gulden, worden gestraft:
de enkele diefstallen vallende onder art. 401 van het Wetboek van Strafregt, van
mestspeciën;
zoden, plaggen, heide en helm;
te veld staand gras en veldvruchten;
groen of ander hout, gehakt of niet gehakt;
riet, biezen, gesneden of niet gesneden;
gevallene bladeren;
mos, dennenknoppen en eikels;
mits deze enkele diefstallen zijn gepleegd noch met behulp van vaartuigen, noch met behulp van trek- of lastdieren, noch in vereeniging van meer dan vier personen.
De poging tot de in dit artikel opgenomene diefstallen blijft even als de daad strafbaar, behoudens de slotbepaling van het voorgaand artikel.
Art. 17, wet
29 Junij 54.
Indien er op de poging in dat Wetboek eene mindere straf is bedreigd, wordt deze toegepast.
Art. 20, wet
29 Junij 54.
Het art. 463 van het Wetboek van Strafregt is toepasselijk in de gevallen van art. 14 dezer wet (29 Junij 1854).
(Zie art. 21, wet 29 Junij 1854).
Wet 29Junij
54,Stbl. 108.
Art. 1. Ter kennisneming der kantonregters worden in eersten aanleg gebragt en in zooverre aan de regtsmagt der arrondissements-regtbanken onttrokken:
a. de enkele diefstallen en pogingen daartoe, opgenoemd in art. 18 der wet houdende eenige veranderingen in de straffen op misdrijven gesteld; — —.
6. De misdrijven, door deze wet ter kennisneming der kantonregters gebragt, verliezen hun kenmerk van wanbedrijf niet — —.
(Zie ad art. 3, 52, 53, 58).


TWEEDE AFDEELING.

SECTION II.

Bankbreuk, opligtingen, en andere soorten van bedriegerijen.

Banqueroutes, escroqueries et autres espèces de fraude.

§ 1.

§ 1.

Bankbreuk en opligting.

Banqueroute et escroquerie.

402. Diegenen, die in de gevallen bij het Wetboek van Koophandel uitgedrukt, schuldig verklaard zullen worden aan bankbreuk (banqueroute), zullen gestraft worden als volgt:
De bedriegelijke bankbreukigen [1]) zul
402. Ceux qui, dans les cas prévus par le Code de commerce, seront déclarés coupables de banqueroute, seront punis ainsi qu'il suit:
Les banqueroutiers frauduleux
  1. De officiële vertaling heeft: bankbrekers.