Naar inhoud springen

Pagina:Wetboek van Strafregt. Code Pénal (1867).pdf/49

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen
Art. 8, wet
29 Junij 54.
1854) — — — alleen dan niet verpligtend, wanneer de regter art. 463 van dat Wetboek toepast.
120. Wanneer de cipiers en opsluiters der bewaar-, gijzel-, gevangen- of strafhuizen, een gevangene innemen zonder bevelschrift of vonnis, of zonder bij voorraad gegeven last (provisionele last) van de hnoge regering; wanneer zij hem vasthouden of weigeren te vertoonen aan den policie-ambtenaar of die deszelfs bevel toont, zonder te doen blijken van het verbod van den keizerlijken procureur, of van den regter; wanneer zij weigeren hunne gevangenlijst aan den policie-ambtenaar te vertoonen; zullen zij, als schuldig aan willekeurige hechtenis [1]), gestraft worden met gevangenzetting voor den tijd van zes maanden tot twee jaren, en eene geldboete van zestien tot twee honderd franken. 120. Les gardiens et concierges des maisons de dépôt, d'arrêt, de justice ou de peine, qui auront reçu un prisonnier sans mandat ou jugement, ou sans ordre provisoire du Gouvernement; ceux qui l'auront retenu ou auront refusé de le représenter à l'officier de police ou au porteur de ses ordres sans justifier de la défense du procureur impérial ou du juge; ceux qui auront refusé d'exhiber leurs registres à l'officier de police, seront, comme coupables de détention arbitraire, punis de six mois à deux ans d'emprisonnement, et d'une amende de seize francs à deux cents francs.
(Zie artt. 418, 422 Wetb. v. Strafv.)
121. Als schuldig aan ambtsmisdaad, zullen met ontzetting van de burgerschapsregten (eene correctionele gevangenisstraf van één tot drie jaren, met of zonder geldboete van tien tot vijf honderd gulden, en ontzetting van de regten, in art. 8 dezer wet (29 Junij 1854) ver meld, van vijf tot tien jaren) gestraft worden, alle ambtenaren van regtspolicie, alle procureurs-generaal of keizerlijke procureurs, alle stedehouders [2]), alle regters, die een vonnis, een bevel schrift, of last, hetzij gevorderd, hetzij gegeven of geteekend zullen hebben, strekkende tot persoonlijke vervolging of beschuldiging, hetzij van een Minister, hetzij van een lid van den Senaat, van den Staatsraad, of van het wetgevend ligehaam, zonder daartoe gemagtigd te zijn als bij de Staatsregeling is voorgeschreven: of die, buiten het geval van bevinding op heeter daad of van 121. Seront, comme coupables de forfaiture, punis de la dégradation civique, tout officier de police judiciaire, tous procureurs généraux ou impériaux, tous substituts, tous juges, qui auront provoqué, donné ou signé un jugement, une ordonnance ou un mandat, tendant à la poursuite personnelle ou accusation, soit d'un ministre, soit d'un membre du Sénat, du Conseil d'État ou du Corps législatif, sans les autorisations prescrites par les constitutions; ou qui, hors les cas de flagrant délit ou de clameur publique, auront, sans les mêmes autorisations, donné ou signé l'ordre ou le mandat de saisir ou arrêter un ou plusieurs ministres, ou membres du Sénat, du Con
  1. Beter: gevangenhouding.
  2. Beter: substituten.