Naar inhoud springen

Pagina:Wetboek van Strafregt. Code Pénal (1867).pdf/5

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

VOORREDE.
(GEVOEGD BIJ DEN EERSTEN DRUK).



Terwijl bij de Keizerlijke decreten van 22 Junij, 23 Julij en 8 Nov. 1810, van 6 Jan, en 19 April 1811 de voorschriften worden aangetroffen betrekkelijk het invoeren der Fransche wetten in de Hollandsche departementen in het algemeen, zijn in dat van 25 Nov. 1810 bepaaldelijk die vervat, welke strekten om in gezegde landen het Code Pénal in werking te brengen: — diensvolgens dagteekent de invoering van dat Wetboek in ons vaderland reeds van den jare 1811.

Het was bij de Keiz. decreten van 22 Junij 1810 en van 8 Nov. 1811 dat bevolen werd, dat die wetten en reglementen zouden worden vertaald in de Hollandsche taal, en opgenomen in een bulletin, hetwelk aan de regterlijke en administrative autoriteiten zou worden uitgereikt; onder bepaling echter, dat de text van het bulletin in de Fransche taal, voor de eenig geldende zou worden gehouden, om de moeijelijkheden uit te maken, die zich zouden kunnen voordoen omtrent den zin van eenige wet of decreet.

Eene zoodanige verzameling van Fransche wetten in het Hollandsch vertaald (en daaronder het Code Pénal), is ten jare 1811 ter Keizerlijke drukkerij te Amsterdam gedrukt, met goedkeuring van den Hertog van Plaisance, destijds Gouverneur-Generaal der Hollandsche departementen.

Bij de herstelde orde van zaken in 1813 bleven, volgens art. 6 van het besluit van het Algemeen Bestuur van 1 Dec. van dat jaar (Stbl. n°. 3), de eenmaal uitgevaardigde Fransche wetten, tot dat daaromtrent nadere bepalingen gemaakt zouden zijn, van kracht, en zag men het Code Pénal