Naar inhoud springen

Pagina:Wetboek van Strafregt. Code Pénal (1867).pdf/52

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen
oogmerk of gevolg zoude zijn dat daardoor, hetzij de bediening der regtsoefening, hetzij de vervulling van eenige dienst, hoegenaamd ook, verhinderd of opgeschort werd. l'objet ou l'effet serait d'empêcher ou de suspendre soit l'administration de la justice, soit l'accomplissement d'un service quelconque.
Art. 8, wet
29 Junij 54.
— — De ontzettingen van de waarneming van bedieningen of ambten is echter in de gevallen van art. 5 dezer wet (29 Junij 1854) — — — alleen dan niet verpligtend, wanneer de regter art. 463 van dat Wetboek toepast.

VIERDE AFDEELING.

SECTION IV.

Aanmatigingen van regerings- en regtsbewind.

Emplétemens des autorités administratives et judiciaires.

127. Schuldig aan ambtsmisdaad zullen zijn en met ontzetting van de burgerschapsregten (eene correctionele gevangenisstraf van één tot drie jaren, met of zonder geldboete van tien tot vijf honderd gulden, en ontzetting van de regten, in art. 8 dezer wet (29 Junij 1854) vermeld, van vijf tot tien jaren) gestraft worden:
1. De regters, procureurs-generaal, of keizerlijke procureurs, of hun stedehouders [1]), en de policie-ambtenaren, die zich eenige uitoefening van de wetgevende magt aangematigd zullen hebben, hetzij door reglementen te maken die wetgevende verordeningen inhouden, hetzij door de werking van eene of meer wetten op te houden of op te schorten, hetzij door raad te plegen of de wetten afgekondigd of in werking gebragt zullen worden.
2. De regters, de procureurs-generaal of keizerlijke procureurs of hun stedehouders [2]), de ambtenaren des regtsbewinds, die hun magt zouden mogen (zijn) te buiten gegaan met zich in zaken van regeringsbewind te steken, hetzij door reglementen over deze zaken te maken, hetzij door het uitvoeren der bevelen van de administrative autoritei
127. Seront coupables de forfaiture, et punis de la dégradation civique:






1. Les juges, les procureurs généraux ou impériaux, ou leurs substituts, les officiers de police, qui se seront immiscés dans l'exercice du [pouvoir] législatif, soit par des règlements contenant des dispositions législatives, soit en arrêtant ou en suspendant l'exécution d'une ou de plusieurs lois, soit en délibérant sur le point de savoir si les lois seront publiées ou exécutées.
2. Les juges, les procureurs généraux ou impériaux, ou leurs substituts, les officiers de police judiciaire, qui auraient excédé leur pouvoir, en s'immisçant dans les matières attribuées aux autorités administratives, soit en faisant des règlements sur ces matières, soit en défen
  1. Beter: substituten.
  2. Beter: substituten.