Naar inhoud springen

Pagina:Wetboek van Strafregt. Code Pénal (1867).pdf/55

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

DERDE HOOFDSTUK.

CHAPITRE III.

Misdaden en wanbedrijven tegen de openbare rust.

Crimes et délits contre la paix publique.

(vastgesteld den 16 van sprokkelmaand 1810, afgekondigd den 26 derzelfde maand).

(loi décrétée le 16 février 1810, promulguée le 26 du même mois).

EERSTE AFDEELING.

SECTION I.

Van valschheid.

Du faux.

§ 1.

§ 1.

Valsche munt.

Fausse monnaie.

(Welke speciën als nationale, gangbare munten te beschouwen zijn, en ten aanzien van welke derhalve de artt. 132—138 van dit Wetboek kunnen toepassing vinden; zie hierachter: lijst van Speciale Wetten enz. i. v. Muntwezen.)
132. Al wie de gouden of zilveren munt, in Frankrijk gangbaar en gewettigd, nagemaakt of vervalscht zal hebben, of deel hebben aan het in omloop brengen of uitgeven van gezegde nagemaakte of vervalschte munt, of aan het invoeren daarvan op het fransche grondgebied, zal met den dood gestraft en zijne goederen verbeurd verklaard worden. 132. Quiconque aura contrefait ou altéré les monnaies d'or ou d'argent ayant cours légal en France, ou participé à l'émission ou exposition desdites monnaies contrefaites ou altérées, ou à leur introduction sur le territoire français, sera puni de mort, et ses biens seront confisqués.
133. Die zoogenaamde biljoen, of koperen munt, in Frankrijk gangbaar en gewettigd, nagemaakt of vervalscht zal hebben, of deel hebben aan het in omloop brengen of uitgeven van gezegde nagemaakte of vervalschte munt, of aan het invoeren daarvan op het fransche grondgebied, zal met eeuwigen dwangarbeid gestraft worden. 133. Celui qui aura contrefait ou altéré des monnaies de billon ou de cuivre ayant cours légal en France, ou participé à l’émission ou exposition desdites monnaies contrefaites ou altérées, ou à leur introduction sur le territoire français, sera puni des travaux forcés à perpétuité.
134. Al wie in Frankrijk vreemde munt nagemaakt of vervalscht zal hebben, of deel hebben aan het in omloop brengen, uitgeven, of invoeren in Frankrijk, van nagemaakte of vervalschte (vreemde) munt, zal met dwangarbeid voor een tijd gestraft worden. 134. Tout individu qui aura, en France, contrefait ou altéré des monnaies étrangères, ou participé à l'émission, exposition ou introduction en France de monnaies étrangères contrefaites ou altérées, sera puni des travaux forcés à temps.
Wet 24 April
1836, Stbl.
13.
Art. 1. Tot tijd en wijle het nog in werking zijnde Wetboek van Strafregt door een Nederlandsch Wetboek zal zijn vervangen, zullen de misdaden bij artt. 132, 133 en 134 van het zelve Wetboek vermeld, behoudens de bepalingen van art. 6 dezer wet gestraft worden, in maniere als volgt: