Deze pagina is proefgelezen
| Het zal ten behoeve der Godshuizen der plaats, waar de omkooping geschied is, verbeurd verklaard worden. | valeur; elles seront confisquées au profit des hospices des lieux où la corruption aura été commise. | |
| 181. In geval het een regter, in zake van misdaad regtsprekende, of een gezworene is, die zich heeft laten omkoopen, hetzij dan ten voordeele, hetzij ten nadeele van den beschuldigde, zoo zal hij, behalve de geldboete bij art. 177 gesteld, met het tuchthuis (van vijf tot tien jaren) gestraft worden. | 181. Si c'est un juge prononçant en matière criminelle, ou un juré qui s'est laissé corrompre, soit en faveur, soit au préjudice le l'accusé, il sera puni de la réclusion, outre l'amende ordonnée par l'article 177. | |
| 182. In gevalle de omkooping ten gevolge gehad heeft eene veroordeeling tot zwaarder straffe, dan het tuchthuis (van vijf tot tien jaren), zal diezelfde straf, welke het dan ook zijn mag, aan den regter of gezworene die zich heeft laten omkoopen, opgelegd worden. | 182. Si, par l'effet de la corruption, il y a eu condamnation à une peine supérieure à celle de la réclusion, cette peine, quelle qu'elle soit, sera appliquée au juge ou juré coupable de corruption. | |
| 183. Alle regters of bestuurders die zich uit toegenegenheid of vijandschap voor of tegen iemand bepaald hebben, zullen schuldig zijn aan ambtsmisdaad en met ontzetting van de burgerschapsregten gestraft worden (eene correctionele gevangenisstraf van een tot drie jaren, met of zonder geldvoete van tien tot vijf honderd gulden, en ontzetting van de regten, in art. 8 dezer wet (29 Junij 1854) vermeld, van vijf tot tien jaren). | 183. Tout juge ou administrateur qui se sera décidé par faveur pour une partie ou par inimitié contre elle, sera coupable de forfaiture et puni de la dégradation civique. |
| Art. 8, wet 29 Junij 54. |
— — De ontzetting van de waarneming van bedieningen of ambten is echter in de gevallen van art. 6 dezer wet (29 Junij 1854) — — — alleen dan niet verpligtend, wanneer de regter art. 463 van het Wetboek van Strafregt toepast. |
§ 5. |
§ 5. |
|
Van misbruik van gezag. |
Des abus d'autorité. |
EERSTE SOORT. |
PREMIÈRE CLASSE. |
|
Van misbruik van gezag jegens bijzondere personen. |
Des abus d'autorité contre les particuliers. |
|
| 184. Alle regter, alle procureur-generaal of keizerlijk procureur, alle stedehouder [1]), alle bewindvoerder, of alle | 184. Tout juge, tout procureur-général ou impérial, tout substitut, tout administrateur |
- ↑ Beter: substituut.