Deze pagina is proefgelezen
| van eenig Godsdienst-genootschap die, tot het bedienen der godsdienstige plegtigheden van een huwelijk overgaat, zonder dat hem behoorlijk gebleken is van een huwelijks-akte, vooraf bij de ambtenaren van den burgerlijken staat [1]) aangegaan, zal voor de eerste reize met een geldboete van zestien tot honderd franken gestraft worden. | qui procédera aux cérémonies religieuses d'un mariage, sans qu'il lui ait été justifié d'un acte de mariage préalablement reçu par les officiers de l'état civil, sera, pour la première fois, puni d'une amende de seize francs à cent francs. | |
| 200. In geval van nieuwe overtredingen van den aard als bij het vorig artikel uitgedrukt, zal de kerkelijke [2]), die dezelve begaan heeft, gestraft worden, namelijk: Bij het eerste weder-overtreden, met een gevangenzetting van twee tot vijf jaren; En bij het tweede, met wegvoering naar een oord van ballingschap. |
200. En cas de nouvelles contraventions de l'espèce exprimée en l'article précédent, le ministre du culte qui les aura commises, sera puni, savoir: Pour la première récidive, d'un emprisonnement de deux à cinq ans; Et pour la seconde, de la déportation. |
§ 2. |
§ 2. |
|
Van berispingen, bestraffingen of opzettingen, die tegen het openbaar gezag gerigt worden in een openlijk gehouden herderlijke rede of leerrede. |
Des critiques, censures ou provocations dirigées contre l'autorité publique dans un discours pastoral prononcé publiquement. |
|
| 201. Alle kerkelijken, van welk Godsdienst-genootschap ook, die in de waarneming of oefening van hun dienst, en bij openbare vergadering, een rede zullen houden, behelzende eenige bestraffing of berisping van de hooge regering, van eene wet, van een keizerlijk besluit, of van eenige andere akte of daad van het openbaar gezag, zullen gestraft worden met eene gevangenzetting van drie maanden tot twee jaren. | 201. Les ministres des cultes qui prononceront, dans l'exercice de leur ministère, et en assemblée publique, un discours contenant la critique ou censure du Gouvernement, d'une loi, d'un décret impérial, ou de tout autre acte de l'autorité publique, seront punis d'un emprisonnement de trois mois à deux ans. | |
| 202. In gevalle de rede een regtstreeksche opzetting tot ongehoorzaamheid aan de wetten of andere bevelen van het openbaar gezag behelst; of strekt om een gedeelte der ingezetenen tegen de anderen te doen opstaan, of in de wapenen te brengen, zal de geestelijke of kerkelijke die dezelve gehouden heeft, gestraft worden met eene gevangenzet- | 202. Si le discours contient une provocation directe à la désobéissance aux lois ou autres actes de l'autorité publique, ou s'il tend à soulever ou armer une partie des citoyens contre les autres, le ministre du culte qui l'aura prononcé sera puni d'un emprisonnement de deux à cinq |