Naar inhoud springen

Pagina:Wilde, Individualisme en Socialisme (vert. Boutens 1913).pdf/38

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

tegen de vrije ontwikkeling van het drama hebben; en als zij de gebreken zagen, zoûden zij daar evenmin iets tegen hebben. Het feit is dat het publiek de klassieken in een land gebruikt als middel om den vooruitgang der kunst te dwarsboomen. Zij verlagen de klassieken tot gezagdragers. Zij gebruiken hen als ploertendooders om den nieuwen vorm eener vrije schoonheidsuiting den kop in te slaan. Zij vragen een schrijver altijd waarom hij niet schrijft als iemand anders, of een schilder waarom hij niet schildert als iemand anders, en begrijpen niet dat iets dergelijks doen niet kan samengaan met het wezen van een kunstenaar. Een geheel nieuwe schoonheidsuiting is iets waar zij volstrekt niet tegen kunnen, en zoo vaak zij aan den dag komt, raken zij zoo geprikkeld en overstuur, dat zij altijd twee aartsdomme uitdrukkingen bezigen: het kunstwerk heet dan òf ergerlijk duister òf ergerlijk onzedelijk. Ik geloof dat zij hier het volgende mede bedoelen. Als zij zeggen, dat een kunstwerk erg duister is, bedoelen zij dat de kunstenaar iets schoons geuit of gemaakt heeft, dat tevens nieuw is; wanneer zij een kunstwerk voor erg onzedelijk uitmaken, bedoelen zij dat de schoone kunstuiting meteen reëel waar is. De eerste uitdrukking slaat op den stijl, de tweede op het onderwerp. Maar waarschijnlijk gebruiken zij de woorden zonder veel begrip, zooals een volksoploop voor de hand liggende straatsteenen aangrijpt. Zoo is er in deze eeuw niet éen dichter of prozaschrijver geweest, die den naam waardig is, of het Britsche publiek heeft hem herhaaldelijk en op plechtige wijze diploma's van onzedelijkheid uitgereikt, en zulk een diploma vervangt hier bij ons feitelijk de formeele erkenning der Académie in Frankrijk, zoodat de instelling van zulk een instituut hier in Engeland gelukkig geheel overbodig is. Het spreekt van-zelf dat het publiek