Provinciale Geldersche en Nijmeegsche Courant/Jaargang 1912/Nummer 135/Tentoonstelling Baksteen- en Kleiproducten

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Tentoonstelling Baksteen- en Kleiproducten
Auteur(s) Anoniem
Datum Dinsdag 11 juni 1912
Titel Binnenland. Overige provincien. Tentoonstelling Baksteen- en Kleiproducten
Krant Provinciale Geldersche en Nijmeegsche Courant
Jg, nr ?, 135
Editie, pg [Dag], [2]
Brontaal Nederlands
Bron delpher.nl
Auteursrecht Publiek domein

Tentoonstelling Baksteen- en Kleiproducten

      Men meldt ons uit Amsterdam:
      Zaterdagmiddag had, zooals reeds kort door ons is gemeld, in het gebouw van de Maatschappij tot Bevordering der Bouwkunst de opening plaats van de Tentoonstelling van Baksteen en andere kleiproducten.
      In zijn openingsrede zeide de voorzitter, de heer D. J. van Dijk, o. a.: Het doel dat wij met deze tentoonstelling beoogen is onze natie eens op de hoogte te stellen van deze echt vaderlandsche industrie. Wij gelooven, dat onze poging in vele opzichten geslaagd mag heeten. De tentoonstelling heeft zijn ontstaan te danken aan de door ons vakblad „Klei” uitgeschreven prijsvraag voor het ontwerpen van een landelijke woning, die niet meer dan f 2200 kosten mag. Er zijn, ging spreker voort, 120 ontwerpen, waarvan 3 met prijzen werden bekroond. Deze tentoonstelling moet beschouwd worden als een studie-tentoonstelling voor architecten, ingenieurs, opzichters en leerlingen in het bouwvak. Spreker noemde eenige cijfers om een beeld te geven van de industrie. Het aantal werklieden, werkzaam in deze industrie, bedraagt ongeveer 25.000. Gefabriceerd worden ongeveer 1 millard steenen en daarenboven een groot aantal dakpannen en andere kleiproducten; verzonden per schip ongeveer 1.6 millard kilogram, terwijl de verzending per spoor het getal van 400 millioen kilogram bereikt. Jaarlijks wordt voor een bedrag van 3 tot 4 millioen gulden gebruikt aan brandstoffen, als steenkolen, turf, enz. Indien men daarenboven nog rekening houdt met het feit, dst de baksteen- en pannenindustrie bijna uitsluitend ten plattelande, op meestal overigens misdeelde plaatsen, wordt uitgeoefend en daardoor aan die plaatsen een groote mate van anders niet te verkrijgen welvaart verschaft, dan komt men tot de conclusie dat deze belangrijke industrie den steun verdient van ieder die het wel meent met zijn vaderland.
      Na deze rede werd nog het woord gevoerd door mr. H. Smeenge, lid der Tweede Kamer, voorzitter van „Schuttevaer” en eere-voorzitter van de Maatschappij van Vakonderwijs, waarmede de officieele plechtigheid afgeloopen was en de tentoonstelling voor geopend werd verklaard. Wij waren daarna in de gelegenheid een overzicht te nemen van deze zeer interessante tentoonstelling, die niet alleen voor den vakman, maar ook voor den leek, die hierin belang stelt, interessant is.
      In de eerste bovenzaal hangen een groot aantal ontwerpen, die ingekomen waren voor mededinging aan de prijsvraag. De eerste prijs verwierf de heer W. Verschoor, den Haag, met de volgende korte toelichting: Het gebouwtje is gedacht, opgetrokken in baksteen en gedekt met donkere pannen. De kozijnen geel geverfd. De ramen – ijzeren ramen, naar buiten draaibaar – groen geverfd. In de voorkamer tusschen de binten plafonds voor cocolithplaten op holle latten. Alle binnenmuren van baksteen, ingangen en keuken gepleisterd, overigens behangen.
      De tweede prijs werd toegekend aan den heer Jan Wils te Alkmaar, de derde aan den heer A. J. Prinsenberg te Bloemendaal. Vele van de overige ontwerpen waren zeer goed uitgevoerd, vele kwamen in het geheel niet in aanmerking.
      In deze zaal bevindt zich ook een inzending van terracotta bouwaardewerk van den heer W. C. Brouwer te Leiderdorp. In de aangrenzende zaal zijn tentoongesteld baksteenen in Waal-, Rijn- en IJselvorm. In eenvoudige ramen van vurenhout zijn deze steenen samengevoegd, zoodat het geheel niet alleen een netten, doch een prettigen indruk geeft. Van de inzenders noemen wij de firma Robert Janssen te Nijmegen (Waalvorm) en P. A. Bos voorheen M. Hes te Arnhem (Waalvorm), de firma C. Mijnlieff te Nieuwebrug en K. Schouten Hoogendijk te Woerden, beiden Rijnvorm. Nog treft men in deze zaal een inzending van de N. V. Steenfabriek v. H J. W. van der Elst te Zaltbommel, die ons een keurige collectie blauwe en roode Waalvormige brutesteenen toont. In een hoek van de zaal is een verglaasde van bouwaardewerk vervaardigde fontein opgesteld en voorts liggen hier op den grond vorstvrije tuinornamenten in rood en grijs terracotta.
      In de benedenlokalen trekt eene inzending straatklinkers de aandacht. Een geheel nieuwe soort klinkers is de bijna geheel geruischlooze. De firma van de Griendts, land-exploitatie-maatschappij, heeft een groote collectie turven en turvenbriquetten bijeengebracht. De firma J. van Hulst, Harlingen, toont ons een groote collectie tegels. In de hal maakt een liggende leeuw van baksteen, bestemd voor een K.-K. kerk in Tilburg, een zeer mooi effect. In aanmerking genomen, dat de lokalen niet al te groot zijn, mogen wij niet anders dan de expositie als volkomen geslaagd beschouwen.