Rotterdamsch welvaren 1550-1650/Voorwoord

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

< Rotterdamsch welvaren 1550-1650


Met het overzicht van Rotterdamsch welvaren dat hier geboden wordt, heb ik eene bijdrage willen geven tot de geschiedkunde van bevolking en bedrijf in eene oud-Hollandsche stad gedurende het tijdperk 1550-1650, de dadenrijke en merkwaardige periode, in welke eene snelle ontwikkeling der maatschappelijke toestanden samenviel met de opkomst der koopvaardijstad Rotterdam.

In het toenmalige Rotterdam nam bijna een ieglijk aan het bedrijfsleven deel; kennen wij dit in zijn opzet en omvang, overzien wij de bronnen van welvaart, de middelen van bestaan der bevolking, dan is tevens bekend met welke zaken de poorterij dezer oud-Hollandsche stad in haren handel en wandel van iederen dag zich destijds heeft beziggehouden.

Aan de samenstelling van dit boek is voorafgegaan een uitgebreid onderzoek in het Rotterdamsche Gemeente-archief over alle deelen van "Rotterdamsch welvaren", waarvan ik de resultaten heb gepubliceerd in een reeks voorbereidende opstellen; daarin zijn aangehaald de Rotterdamsche archiefstukken en de andere bescheiden, waaraan mijne gegevens zijn ontleend, zoodat ik thans aanhaling der documenten achterwege liet. Overigens verwijs ik belangstellenden naar mijne collectie aanteekeningen, die op het Rotterdamsche Gemeente-archief ten behoeve van verdere nasporingen is blijven berusten. Zij is gesplitst in twee hoofdafdelingen: Bedrijfsgeschiedenis en Bevolkingsgeschiedenis; de eerste omvat de gegevens over handel, visscherij, nijverheid en koopvaardij; de tweede bestaat in eene verzameling dossiers over de families, die het meest aan het bedrijfsleven hebben deelgenomen, en over de "rijkheid" of regeeringsgeslachten, die in de periode 1550-1650 hebben geleefd en gewerkt.

Rotterdamsch welvaren brengt ons in aanraking met eene ondernemende en kloeke burgerij; moge dit overzicht van oud-Rotterdamsche werkzaamheden daarom vooral in Rotterdam, nu en in de toekomst, waardering vinden.


Mr. R. Bijlsma, 1918.