Sentimenten van de Natie

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Sentimenten van de Natie, of punten gegeven door José María Morelos voor de Grondwet

Auteur José María Morelos y Pavón
Genre(s) Manifest
Brontaal Spaans
Datering 14 september 1813
Bron es:Wikisource
Auteursrecht Publiek domein
Logo Wikipedia
Meer over Sentimenten van de Natie, of punten gegeven door José María Morelos voor de Grondwet op Wikipedia

1º. Dat Amerika onafhankelijk zij van Spanje en van elke andere Natie, Regering of Monarchie, en dat dit bekrachtigd worde en de redenen uitgelegd worden aan de wereld.

2º. Dat de katholieke religie de enige zij zonder tolerantie van een andere.

3º. Dat al haar priesters zichzelf zullen onderhouden en alleen van tienden en primicias, en dat het volk niets betale buiten haar eigen devotie en offerande.

4º. Dat het dogma gesteund zij door de hiërarchie van de Kerk, zijnde de paus, de bisschoppen en priesters, omdat men elke plant die niet geplant is door God dient te vernietigen: omnis plantatis quam non plantabit Pater meus Celestis cradicabitur. Mat. Cap. XV.

5º. Dat de soevereiniteit onmiddelijk uit het volk voortvloeie, dat het slechts wil toevertrouwen aan het Opperste Nationale Amerikaanse Congres, samengesteld uit vertegenwoordigers van de provincies in gelijke aantallen.

6º. Dat de Wetgevende, Uitvoerende en Rechterlijke machten gespreid zijn in lichamen geschikt deze uit te voeren.

7º. Dat de leden vier jaren zullen functioneren, waarna de oudsten zullen vertrekken zodat de nieuwgekozenen de plaatsen innemen.

8º. Dat de salarissen van de leden voldoende zullen zijn voor hun levensonderhoud en niet meer, en dat het niet meer dan 8000 pesos zal zijn.

9º. Dat alleen Amerikanen publieke functies bemachtigen.

10º. Dat geen buitenlanders toegelaten worden, wanneer het geen ambachtslieden zijn die hun ambacht kunnen onderwijzen en boven alle verdenking staan.

11º. Dat de Staten hun gebruiken veranderen en, hieruit voortvloeiend, het Vaderland nimmer volledig vrij en het onze zal zijn zolang de Regering niet hervormd wordt, de tirranie dient omvergeworpen te worden, vervangen te worden door liberalisme, en gelijkelijk de Spaanse vijand, die zich tegen ons Vaderland heeft uitgesproken, van onze bodem gegooid te worden.

12º. Dat, aangezien de goede wet verheven is boven elk mens, de wetten die ons Congres dicteert standvastigheid en vaderlandslievendheid voorschrijven, weelde en armoede matigen, en zo zijn dat het inkomen van de armen verhoogd worde, dat het hun gebruiken verbetere, onwetendheid, roof en diefstal verwijderende.

13º. Dat de algemene wetten gelden voor eenieder, zonder uitzondering van bevoorrechte lichamen; en dat deze slechts bestaan in overeenstemming met het nut van hun functie.

14º. Dat om een wet te dicteren een raad van wijzen in een zo groot mogelijk aantal gevormd worde, opdat met meer succes gehandeld worde en problemen die kunnen ontstaan weggenomen worden.

15º. Dat slavernij voor altijd verboden zij, net zoals het onderscheid tussen de kasten, zodat iedereen gelijk zal zijn, en dat slechts deugd en ondeugd de ene Amerikaan van de andere zal onderscheiden.

16º. Dat onze havens open zijn voor bevriende buitenlandse naties, maar dat hoe vriendelijk ze ook zijn deze nimmer het koninkrijk als basis gebruiken en dat er havens aangewezen zullen worden voor dit doel; het ontschepen in alle anderen verboden dient te zijn, en tien procent [belasting] dient te worden vastgesteld.

17º. Dat voor een ieder de bezittingen verdedigd worden en dat zijn huis als een heilig onderkomen gerespecteerd worde, overtreders dienen gestraf te worden.

18º. Dat de nieuwe wetgeving foltering niet toesta.

19º. Dat de Grondwet de viering van 12 december voor alle dorpen vaststellen, opgedragen aan de Beschermheilige van onze Vrijheid, Allerheiligste Maria van Guadalupe, aan alle dorpen dient de maandelijkse devotie opgedragen te worden.

20º. Dat buitenlandse troepen of die van een ander koninkrijk niet op onze bodem zal treden, en als ze ter hulp zijn, niet daar zullen zijn waar de Opperste Raad is.

21º. Dat er geen expedities zijn buiten de grens van het koninkrijk, in het bijzonder overzee, die niet als doel hebben het geloof te verspreiden aan onze broeders landinwaarts.

22º. Dat de oneindigheid aan tributen, belastingen en heffingen die ons onderdrukt eindige en dat voor elk individu vijf procent van zijn landopbrengsten en andere inkomsten of een ander vergelijkbaar bedrag geheven worde, een bijdrage die niet zal ondedrukken als de Alcabala, het Staatsmonopolie, het Tribuut, en andere; met deze bijdrage en het goede beheer van de goederen die in beslag genomen zijn van de vijand, zullen dan de kosten van de oorlog en de ambtenaren betaald kunnen worden.

23º. Dat eveneens 16 september elk jaar plechtig gevierd worde, als dag woorop de stem van de onafhankelijkheid zich ophief en onze heilige Vrijheid begon, want op deze dag was het waarop de lippen van de Natie zich openden om te zwaard haar rechten op te eisen op een manier waarop ze gehoord zouden worden; de verdiensten van de grote held, de heer Don Miguel Hidalgo en zijn kameraad Don Ignacio Allende dienen altijd herinnerd te worden.

Antwoorden op op 21 november 1813, en waarvoor deze afgeschaft zijn, altijd de verschijning Zijne Doorluchtige Hoogheid afwachtende.

Chilpancingo, 14 september 1813

José María Morelos