Venloosch Weekblad/Jaargang 24/Nummer 12/Men meldt ons uit Roermond
| ‘Men meldt ons uit Roermond: […]’ door een anonieme schrijver |
| Afkomstig uit het Venloosch Weekblad, [zaterdag] 20 maart 1886, [p. 1-2]. Publiek domein. |
[ 1 ]Men meldt ons uit Roermond:
De dag van ll. Dinsdag zal steeds in vreugdevolle herinnering in het geheugen gegrift blijven van professoren en studenten van het Bisschoppelijk College te Roermond. Ze vierden dien dag het zilveren priesterfeest van hun geliefden directeur, den z. e. z. g. heer Th. Haffmans.
Te 9½ uur zong de jubilaris in de smaakvol versierde kapel van het College eene plechtige h. mis tot dankzegging. Hij werd geassisteerd door mgr. Rykers, oud-directeur, als index; door den w. e. heer Hillen als diaken, en door den w. e. heer Leonard als subdiaken, beiden oud-professoren. Tal van bloedverwanten, vrienden en bekenden woonden den h. dienst bij.
Het flink bezette koor van ’t College voerde op voortreffelijke wijze de mis uit van Ant. Lotti (Missa J Lück). De andere stukken, gedurende en na de h. mis uitgevoerd, als de „Liberi me” van Orlando di Sasso, het „Populi meus” van L. Vittoria, het „Tantum ergo” van Palestrina droegen niet minder de goedkeuring weg van verschillende muziekliefhebbers. Na de h. mis had een prachtige receptie plaats in de rijk versierde speelzaal van het College. Ook hier wist het koor zich weer uitstekend van zijne taak te kwijten. Krachtig en zuiver weerklonken de „Chronogramme musical” van prof. Janssen, de „Halleluja” van Breitenbach en „Der Herr ist mein Hirt” van Klein. De studenten uitgekozen, om in dicht en ondicht de gevoelens van allen te vertolken, kweten zich niet minder uitmuntend van hun taak.
De talrijke schaar van priesters en leeken, die de plechtigheid bijwoonden, waren diep
[ 2 ]getroffen. Het was een waar familiefeest. Het waren kinderen, die vol van dankbare liefde, hunnen vader blijde begroetten en hunne heilwenschen aanboden.
De Directeur, diep bewogen door al die blijken van kinderlijke toegenegenheid, bedankte in de hartelijkste bewoordingen allen voor de eer hem bewezen en bracht hulde aan den goeden, waarlijk christelijken geest die de studenten bezield, waarvan zij zoo schitterende bewijzen gegeven hadden.
Het overige van den dag werd in vreugdevolle stemming doorgebracht, en vol geestdrift zongen professoren en studenten eene voor het feest vervaardigde Cantate.
Het feest werd besloten door een prachtig Lof met „Te Deum”. De professoren schonken hunnen directeur, als blijk van toewijding, zijn portret, vervaardigd door den bekenden schilder Heinrich Windhausen jun., dat, zoowel wat opvatting als executie betreft, een waar meesterstuk mag genoemd worden. De studenten schonken aan het huis een prachtig vaandel, waarop de h. Aloysius staat afgebeeld, als patroon der studeerende jeugd. Onder de vele andere en kostbare geschenken, den directeur toegezonden, mag een enkel niet stilzwijgend worden voorbijgegaan. Het is het album en bouquet, ZEerw. aangeboden door de oud-studenten van het Biss. College uit Roermond.
Bij mijn vertrek uit Roermond, sprak een vriend tot me: „Is het niet waar, dat zulk een feest op zulke wijze alleen kan gevierd worden in kringen, door waren christelijken geest bezield?