Cats/Huis- en zede-lessen/Zout houdt

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

ZOUT HOUDT.

Als de slecke komt gekropen,
Hier en ginder, door het huys,
’t Is al met haer slijm bedropen,
Niet een kamer blijft’er kuys;
Maer de middel is te vinden
Om het vuyl, het leelick dingh,
Op te schorsen, in te binden,
Dat het niet te verr’ en gingh’:
Men behoeft maer zout te krijgen.
Dat men op sijn leden strooit,
Stracx soo sal het neder sijgen,
Als het ijs, wanneer het dooit.
Als de lust u komt bekoren
En u kruipt ontrent het breyn,
Geeft den moet doch niet verloren,
Maer bewaert uw leden reyn;
Uyt haer vuyl is wel te komen,
Laet maer ’t quaet niet verder gaen:
Zout, uyt Godes woort genomen,
Kan de sonde tegenstaen.