Naar inhoud springen

Erfgoeddecreet 7 mei 2004/Titel III

[ 54633 ]
 

TITEL III. — Organisatie van de advisering

Art. 43. § 1. De Vlaamse regering richt een adviescommissie op voor de kwaliteitsbeoordeling inzake het beleidsveld cultureel erfgoed.

§ 2. De kerntaken van de adviescommissie zijn:

1° waken over een kwaliteitsvolle organisatie van de interne werking van de beoordelingscommissies en daartoe de visie, de methodiek en de evaluatie van de kwaliteitsbeoordeling ontwikkelen;

2° formuleren van beleidsgericht advies op basis van de kwaliteitsbeoordeling in de beoordelingscommissies van het beleidsveld;

3° kwaliteitsbeoordeling van transversale dossiers voorzover die niet worden behandeld door een beoordelingscommissie.

§ 3. De leden van de adviescommissie hebben een totaalvisie op het beleidsveld. De adviescommissie wordt samengesteld uit deskundigen uit de verschillende onderdelen van het beleidsveld.

De leden van de beoordelingscommissies kunnen lid zijn van de adviescommissie.

Art. 44. § 1. De Vlaamse regering richt beoordelingscommissies op voor het kwalitatieve, inhoudelijke advies over erkennings- en subsidieaanvragen als bedoeld in titel III, hoofdstuk II en hoofdstuk III van het archiefdecreet en als bedoeld in titel II van dit decreet, met uitzondering van de erkenning en subsidiëring van het steunpunt, bedoeld in hoofdstuk V. Deze beoordelingscommissies worden samengesteld voor onderdelen van het beleidsveld cultureel erfgoed of voor transversale beleidsaspecten.

§ 2. Voor de beoordeling van de instellingen van de Vlaamse Gemeenschap, bedoeld in artikelen 7 en 8, kan de Vlaamse regering afzonderlijke beoordelingscommissies oprichten. Deze commissies worden samengesteld uit drie leden van de betrokken reguliere beoordelingscommissie en drie buitenlandse experts. De voorzitter van de adviescommissie is tevens de voorzitter van deze afzonderlijke beoordelingscommissies.

§ 3. De leden van de beoordelingscommissies worden aangesteld omwille van hun expertise over of betrokkenheid bij het te beoordelen onderdeel van het beleidsveld. De beoordelingscommissies worden op evenwichtige wijze samengesteld uit leden die de verschillende aspecten van het te beoordelen onderdeel van het beleidsveld vertegenwoordigen. [ 54634 ]

 

Art. 45. Het lidmaatschap van een adviescommissie of een beoordelingscommissie is onverenigbaar met een mandaat in het Europees Parlement, de Kamer van Volksvertegenwoordigers, de Senaat, het Vlaams Parlement en de Brusselse Hoofdstedelijke Raad, met het ambt van minister, staatssecretaris en hun kabinetsleden, met het ambt van personeelslid in dienst van de Vlaamse Gemeenschap of instellingen van de Vlaamse overheid die in het kader van zijn functie betrokken is bij de uitvoering van dit decreet, met het ambt van personeelslid van het Vlaams Parlement, en van personeelsleden en leden van de raad van bestuur van steunpunten en belangenbehartigers uit de betreffende sector. Zij kunnen wel op uitnodiging van het betreffende orgaan met raadgevende stem deelnemen aan haar vergaderingen.

Art. 46. § 1. Elk jaar leggen de beoordelingscommissies en de adviescommissie een verslag met de evaluatie van hun werking voor aan de Vlaamse regering.

§ 2. De Vlaamse regering bepaalt de algemene procedure voor de beoordeling van dossiers.

§ 3. De Vlaamse regering voorziet, binnen de perken van de door het Vlaams Parlement goedgekeurde kredieten, in een bedrag waarmee de werkzaamheden van de adviescommissie en de beoordelingscommissies kunnen worden vergoed.

§ 4. De Vlaamse regering bepaalt de nadere regels voor de samenstelling, de aanstelling en het ontslag van de leden, alsook de vergoeding.