Erfgoeddecreet 7 mei 2004/Titel V
| ← TITEL IV: ALGEMENE BEPALINGEN OVER SUBSIDIERING | Erfgoeddecreet 7 mei 2004 (2004) door Belgische Overheid |
| Uitgegeven in Brussel door Belgisch Staatsblad. |
[ 54635 ]
TITEL V. — Slotbepalingen
HOOFDSTUK I. — Wijzigingsbepalingen
Art. 51. § 1. In artikel 10 van het archiefdecreet worden § 6 en § 7 vervangen door wat volgt :
« § 6. De Vlaamse regering stelt de subsidie vast, op voorstel van de administratie en rekening houdend met de kwaliteitsbeoordeling van de beoordelingscommissie, bedoeld in artikel 44 van het Erfgoeddecreet.
§ 7. De Vlaamse regering bepaalt de nadere regels met betrekking tot de aanvraag en de procedure tot toekenning van de subsidies. ».
§ 2. In artikel 14 van het archiefdecreet wordt § 2 vervangen door wat volgt :
« § 2. De Vlaamse regering stelt de subsidie vast, op voorstel van de administratie en rekening houdend met de kwaliteitsbeoordeling van de beoordelingscommissie, bedoeld in artikel 44 van het Erfgoeddecreet. »
§ 3. Artikel 15 van het archiefdecreet wordt vervangen door wat volgt :
« De Vlaamse regering bepaalt de nadere regels met betrekking tot de aanvraag en de procedure tot toekenning van de subsidies. »
HOOFDSTUK II. — Opheffingsbepalingen
Art. 52. Het decreet van 20 december 1996 tot erkenning en subsidiëring van musea wordt opgeheven.
Art. 53. Artikel 10 van het decreet van 19 december 1997 houdende oprichting van een Raad voor Cultuur, een Raad voor de Kunsten, een Raad voor Volksontwikkeling en Cultuurspreiding en van een adviserende beroepscommissie inzake culturele aangelegenheden, wordt opgeheven.
Art. 54. Art. 10, § 5, 14, § 1, 16 en 17, van het archiefdecreet worden opgeheven.
HOOFDSTUK III. — Overgangsbepalingen
Art. 55. In afwijking van artikel 5 blijven de musea, erkend op 31 december 2004 in toepassing van het decreet van 20 december 1996 tot erkenning en subsidiëring van musea, erkend als museum op basis van artikel 4.
Deze musea blijven, tot 31 december 2005, ingedeeld en gesubsidieerd in toepassing van artikel 5 en artikel 6, eerste lid en tweede lid, 2° en 3°, van het decreet van 20 december 1996 tot erkenning en subsidiëring van musea.
Voor de toepassing van artikel 11, in afwijking van artikel 10, worden de op 31 december 2005, volgens het eerste lid erkende musea, in toepassing van het decreet van 20 december 1996 tot erkenning en subsidiëring van musea, gelijkgesteld met de indeling als bedoeld in artikel 9, tot en met 31 december 2008.
De in voorgaand lid bedoelde musea moeten een volgend beleidsplan als bedoeld in artikel 10, indienen in 2008.
Art. 56. § 1. In afwijking van artikel 18, § 4, wordt met Antwerpen, Gent, Brugge, Leuven, Mechelen, Tongeren, Ieper en Kortrijk, een erfgoedconvenant gesloten voor de periode die loopt van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2008.
§ 2. In afwijking van artikel 20, § 1, wordt door de in § 1 vermelde gemeenten, een beleidsplan ingediend voor de periode die loopt van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2008.
§ 3. In afwijking van artikel 21, § 1, behouden Antwerpen, Gent en Tongeren, tot en met 2008, een minimum werkingssubsidie van respectievelijk 500.000 euro, 400.000 euro en 200.000 euro per jaar.
§ 4. In afwijking van artikel 23, § 2, wordt met de Vlaamse Gemeenschapscommissie, een erfgoedconvenant gesloten voor de periode die loopt van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2006, op basis van een beleidsplan voor die periode.
Art. 57. In afwijking van artikel 40, § 1, sluit de Vlaamse regering een eerste beheersovereenkomst met het steunpunt voor een periode die loopt tot en met 31 december 2005.
HOOFDSTUK IV. — Slotbepalingen
Art. 58. Dit decreet wordt aangehaald als : Erfgoeddecreet.
Art. 59. Artikel 4 tot en met 8, artikel 16, artikel 21, artikel 24, artikel 26 tot en met 37 en artikel 52, treden in werking op 1 januari 2005.
Artikel 9 tot en met 14 treden in werking op 1 januari 2006.
Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
Brussel, 7 mei 2004.
Nota
(1) Zitting 2003-2004.
Stukken. — Ontwerp van decreet : 2018, nr. 1. — Verslag over hoorzitting : 2018, nr. 2. — Amendementen : 2018, nr. 3. — Verslag : 2018, nr. 4. — Tekst aangenomen door de plenaire vergadering : 2018, nr. 5.
Handelingen. — Bespreking en aanneming. Vergaderingen van 27 en 29 april 2004.