Merian - Metamorphosis (1705)/29

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
28. Citroenen Merian - Metamorphosis (1705) van Maria Sibylla Merian

29

30. Olyboom


[95]

Maria Sibylla Merian-Metamorphosis-Uni bib Utrecht MAG AB 352 Rariora 29.jpg

[96]

VERANDERING DER SURINAAMSCHE INSECTEN.

DE XXIX. AFBEELDING.

DEze groote en heerlyke vrucht, word Pompelmoes in Surinaame genaamt, de boomen wassen zo hoog als appelboomen, hangen zeer vol vruchten, dat de ranken gevaar loopen te breeken wegens de swaarte dezer vruchten, deze vrucht is minder van zoetigheid als een Oranjen-appel, en niet zo zuur als de Citroenen, de schelle en het vlees is harder als in een van deze beide, en derhalve zyn sy aangenamer van smaak als dezelve.

Hier op onthouden sigh groene Rupse, met blauwe hoofden, welkers lichaam vol lange hairen zit, die zo hard als eyserdraat zyn, deze eeten de groene bladen tot hare spyse, den derden Augusti hebben sy sig beginnen vast te maken, zyn tot bruine gevlakte Poppetjes geworden, uit de welke den 19. zulke schoone Cappellen voort kwamen, swart, groen, blauw en wit van verve, blinkende als gout en zilver, sy vliegen zeer ras en hoog, alzo dat sy niet wel anders als uit Rupsen onbeschadigt te krygen zyn.


Deze boom is de Malus Aurantia indica, fructu omnium maximo, pumpelmus dicto, van welke vruchten twee onderscheidene zoorten in de Boomgaarde op Zeilon en andere gedeelte van Oostindien werden gequeekt, bestaande het onderscheid der vruchten alleen in de coleur van het vlees, hetgeen deze vrucht in sig besluit, gelyk Hermans in zyn Catalogus horti Academici op het 405. blad aanteekent, alwaar by deze boom met de boven gestelde naam voorstelt.