Pagina:Aanwijzing der schilderijen, berustende op 's Rijks Museum, te Amsterdam.djvu/29

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen

– 29 –

116.

te Munster, in het jaar 1648, waarvan het vers van den dichter jan vos, hetwelk achter op den trommel gestoken is, de verklaring geeft.

Belloone walgt van bloedt: ja Mars vervloekt het daveren
Van ’t zwangere metaal en ’t zwaardt bemindt de scheê:
Dies biedt de dappere Wits aan d’Eedele van Waveren,
Op ’t eeuwige verbondt, den hooren van den vreê.

116. De hier verbeeld wordende personen zijn:
Cornelis Jan Wits, kapitein. Jan Maesz.
Johan van Waveren, luitenant. Jacob van Diemen.
Jacob Banning, vaandrich. Jan van Ommeren.
Dirk Claesz D. Thoveling, sergeanten. Isaac Oijens.
Thomas Hartog, Geurt Pietersz van Anstenraat.
Pieter van Hoorn. Herman Teunisz, de Kluijtm.
Willem Pietersz. van d. Voort. Andries van Anstenraat.
Adriaen Dirk Sparwér. Christoffel Poock.
Hendrik Calaber. Hendrik Dommer Wz.
Govert van der Mijd. Paulus Hennekijn.
Johannes Calaber. Lambregt van den Bos.
Benedictus Schaeck. Willem de Tamboer.

HELST. (bartholomeus van der)

No.

117. Het portret van den vice-admiraal A. Stellingwerf, zittende aan eene tafel, en rustende met de hand op een glazen spiegelbol. Voorts op de tafel een helm met pluimen, de staf van kommando, eenige papieren en verder bijwerk.