Deze pagina is proefgelezen
– 50 –
NEER, (aart van der)
geb. 1619, overl. 1684.
No.
| 227. | Een wintergezigt met schaatsenrijders. |
NETSCHER, (gaspar)
geb. 1639, overl. 1684.
| 228. | In een binnenvertrek ziet men eene prachtig gekleede vrouw, bezig zijnde met het haar van een jongetje op te tooijen: verder staat een klein meisje, hare tong uitstekende voor een’ spiegel, terwijl eene dienstmeid eene kom met water aanbrengt. |
NETSCHER. (gasper)
| 229. | Het portret van Constantinus Huygens, de vader. |
NOËL, (p.)
overl. 1822.
| 230. | Een jonge wijngaardenier een zeer bevallig meisje omarmende. |
O.
OUDENROGGE. (j.)
| 231. | Eenige wevers, zittende te drinken bij het vuur niet verre van een weefgetouw. |
OUWATER, (izaak)
geb. 1747, overl. 1793.
| 232. | Twee stuks gezigten in Amsterdam, het eene op den onvolmaakten toren van de nieuwe |