Pagina:Album der Natuur 1854 en 1855.djvu/629

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen

— 219 —

door het pek, behalve op de van het licht getroffen plekken, werd opgelost. De verlichte deelen van het voorwerp werden dus voorgesteld door de peklaag, en de schaduwen door de ontbloote zwart gepolijste zilveroppervlakte. Deze handelwijze gaf echter geene bevredigende uitkomst, en daguerre, die zich in 1829 met niepce tot het gemeenschappelijk nasporen dezer zaak had verbonden, deed tallooze proefnemingen om het voorgestelde doel te bereiken. Onderwijl stierf niepce in behoeftigen staat te Chalons, en mogt zich niet verheugen in de gelukkige ontdekking door daguerre verkregen, welke op den 7den Januarij 1839 door den beroemden arago aan de Academie des Sciences te Parijs werd medegedeeld. Deze ontdekking, welke de bewondering van de geheele beschaafde wereld gaande maakte, werd door de Fransche Regering beloond met de toekenning eener jaarwedde aan daguerre van 6000 franken, en aan den nagelaten zoon van niepce met eene jaarwedde van 4000 franken; waarbij de handelwijze van daguerre publiek werd gemaakt. Deze handelwijze bestond in de volgende bewerkingen. Eene zeer zuiver gepolijste zilverplaat werd aan den damp van de jodium (kelpstof) blootgesteld, tot dat zij eene rozenroode of paarsachtige kleur had aangenomen. Hierdoor onstond eene verbinding van de jodium met het zilver, jodiumzilver genaamd, welke zeer gevoelig voor het licht is. De aldus toebereide plaat werd in de donkere kamer, ter plaatse van het matte glas, gesteld, en ontving de inwerking der lichtstralen, door de lens daarop geworpen.

De meest verlichte gedeelten van het beeld ondergingen natuurlijk de meeste verandering, de duistere weinig, terwijl de tusschenliggende tinten naar evenredigheid door het licht werden aangedaan. Na verloop van eenige minuten werd de plaat, waarop nog geene teekening zigtbaar was, aan de dampen van kwik blootgesteld. De fijne kwikbolletjes hechten zich alleen op de plaatsen door het licht aangedaan, en vormen een' het licht in eene bepaalde rigting sterk terugkaatsenden spiegel, waartegen de gepolijste oppervlakte van het zilver zwart afsteekt. Als het beeld genoeg ontwikkeld is, wordt de plaat in warmen pekel of in eene oplossing van onderzwaveligzure soda gedompeld en daarna voorzigtig met water af-