Naar inhoud springen

Pagina:Bosboom-Toussaint, De vrouwen van het Leycestersche tijdvak tweede deel (1886).pdf/322

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

al te zeker, dat de partij der heethoofdige Leycester-vrienden, der Reingoudisten, als men ze altijd bleef noemen, niet berusten zou in dezen maatregel, zonder zich te verroeren, De vreedzame poorters der stad vreesden opschudding, en zij waren maar al te zeker, dat zelfs wie nooit andere partij hadden gekozen, dan die: als stille burgers voor zich heen te leven, niet ongemoeid zouden blijven; was eens de hitte van ’t oproer aan ’t blaken, dat zij groot gevaar liepen, slachtoffers te worden van dier anderen hartstochten, al hadden zij er zich buitengehouden. Onder dezen,. niet minder dus dan onder de Staatsgezinde partij, heerschte angstige spanning, wat er volgen zoude… spanning, die vermeerderde door de schijnbare ruste, waarin de tegenpartij zich hield, na dien slag. Dat die rus te slechts schijnbaar was, begrijpen wij. De personen, door Cosmo naar den Plompen toren gevoerd, hadden zich daar met de hoofden van Modet’s partij besproken, en zij vonden er sympathie te over, voor hunne bittere gevoelens en wraakzuchtige voornemens, De kudde, die Modet om zich heen verzameld had, was in \’t eind geene kudde van weerlooze lammeren; en in plaats dat het ongeval van hun herder hun zou verstrooien of tot verslagenheid brengen, maakte het hun tot brullende wolven. Deze aanval dwong hen om zich openlijk te toonen, om op te rukken tegen den vijand, om niets meer te ontzien, Waren ze vroeger volgzaam aan Modet’s woorden, omzichtig geweest… hadden ze getracht door behendigheid te verkrijgen, wat zij beoogden; nu hadden ze niets meer te ontzien, en konden ze het wagen met de ruwe kracht. Misten ze voorheen een bepaald punt van aanklacht tegen Nieuwenaar, eene bepaalde grieve, waarvoor zij recht konden vragen: zij hadden die nu gevonden, Voor hun gevangen prediker zouden zij de vrijheid eischen, en zijne loslating hunne strijdleus zijn, Wat er dan, in den tuimel van den strijd, bij de slaking van alle banden van orde en gezag, verder kon vero-