Pagina:Delftsche Studenten Debating-club, Derde Huishoudelijke Vergadering op Maandag 22 Januari 1923.djvu/2

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen

V.

 De verschillende stroomingen (tusschen A en B van Stelling II) waren, het Dadaïsme incluis, de ontwikkelings- en overgangsphasen, noodzakelijk om tot een nieuwen stijl te geraken.

Verdediger: Théo van Doesburg.
 

BEHAUPTUNGEN.

I.

 Nicht Darstellung der Natur, nicht Darstellung des Erlebni ses, sondern Wertung der Teile des Kunstwerkes, machen das Kunstwerk.

II.

 Dada ist spezifische Lebensaüsserung und kann deshalb künstlerisch geformt sein.

III.

 Dada ist der sitliche Ernst unserer Zeit und bereitet der Zukunft den Weg.

Verteidiger: Kurt Schwitters.
 
De Secretaris:

J. P. BERDENIS VAN BERLEKOM,

 van Leeuwenhoeksingel 34.

 
N.B. Bij het debat in het Duitsch is de heer Théo van Doesburg bereid als tolk te helpen.
 
DRUKKERIJ J. WALTMAN JR, DELFT
KOORNMARKT 62 ◽ TELEFOON 286