Naar inhoud springen

Pagina:Grondige Onderrichtinge in de optica, ofte perspective konste (1647).djvu/18

Uit Wikisource
Deze pagina is niet proefgelezen

uyt het felve punt t.van't ooge-punt getrocken een linie tot y en den paffer op 'tpunt geopent totx (wefende de quadre van v s.)en den paffer omkeerende toty. bewijft met de perpendicle zy de vaftigheyt der felver werkinge Hier ter zijden is noch ge- maeckt een doorfiende halfront gat, ruftende op den gront, hebbende de werckinge van het ronde boven, waer van al de linien met ftippelen zijn aengewefen,getekent A.

 


Befchrijvinge van de feftienfte Figure.

ALfo der verfcheyden manieren zijn om Colomnen naer den anderen in Perfpec- Alive tive te ftellen, foo hebbe ick voorgenomen, hier naer den anderen eenige te ftel- len, die den Onderfoecker, d'eene voor de andere magh verkiefen, wantfe alle correct zijn en feer dienſtlijck: defe maniere begint men, als den gront in Perfpective geleyt is, alhier geteeckent a.b.c.d. endede quadren, daer de Colomnen op geftelt worden, in de Perfpective geleyt,naer de hooghte ende diftantie, die men verkieft, alhier door de Diagonen aengewefen, geteeckent e.f.g.b. welcke Diagonen, uyt de punten van diftantie getrocken, wijfen de tweede ende derde plaetfe om de Colomnen te mogen ftellen, ende voorts infiende foo veel meer als men die begeert, kan men met de Dia- gonen te wege brengen: Want uyt de quadre 6. een Diagone getrocken uyt het punt van diftantie,gelijck de Diagonen van f.e. fal u aen de anderzijde op de oogh-linie d.c. de vierde plaetfe wijfen: wil men nu voorts na boven komen tot onder de bogen, de punten van de quadre dik.l.perpendiculair opgetrocken, alhier geteeckent n.o.ende van o.n.op'tooge-punt getrocken, daer de perpendiclen doorfneden worden, alhier m.p. daer hebt gy het onder tegen-fien van de quadre van onder op den gront, welcke twee ooge-linien u van boven, door overfnijdinge van de perpendiclen, den tweeden ende den derden quadre betoonen, van gelijcke aen de andere zijde: wilt men nu hier bogen hebben boven defe tegen-fiende quadren, foo ftelt op het midden van de linie n. s. alhier q. den eenen voet des paffers, ende den anderen voet openende tot z.ende omkeerende tot van gelijck uyt het punt q.den boge o.r. maer om te maken den bo- ge v. die moet naer d'ooge in Perfpective komen, den welcken wort gemaeckt: de li- nie m.t.gctrocken zijnde, ende den paffer geftelt op't midden der linie x.ende van m. omkeerende tot t. vindy den infienden boge, ende van gelijcken doet men met de volgende bogen: de perpendicle van de bafe opwaerts, over d'ooge-punt, wijft de Centrums aen: want de kruyffinge van de Diagonen van wederzijden, over het punt A.ende over de punten vande quadren a.d. is boven de overfnijdinge der Diagonen B. uyt de quadren r.o. de felve, van de overfnijdinge A. ende de overfnijdinge der Dia- gonen C. is boven de felve geteeckent met B.ende de perpendicle is genoeghfaem tot bewijs van de vafte feeckerheyt defer werckinge.

 


Befchrijvinge van de feventienfte Figure.

IN de welcke is gemaeckt den gront van feven gelijcke deelen, op de verkortinge van de voorgaende derde Figure, wefende den gront vierkant, ende in elcken hoek opgerecht uyt eenen quadre, eenen Pilaftre, clcken Pilaftre gedeelt in drie deelen, de Pilafters geteeckent a. b. c. d. den Pilaftre a. zijn de deelen 1. 2. 3. als oock de andere met ftippelen aangewefen, de blinde linien, die men niet fien en kan, om het opfien en tegen-fien te bemercken, op de Pilafters liggen platte binten, houdende de Pilafters te famen,geteeckent e.f.g.b. boven defe binten noch twee bogen van voren en achter doorfiende, op de welckers onderfte linie des voorften bints, op't punt onder de A. (wefende 't midden van C.D.) geftelt den paffer, ende geopent tot C.en omkerende tot D.wort gemaeckt den boge E. van gelijcke uyt het punt A. den paffer geopent tot I. maeckt men den boge F.ende van't punt B. den paffer geopent tot K. ende omkee- rende tot 5.maekt men den boge G. ende uyt het felve punt den paffer geopent tot O. maeckt men de blinde linie des booghs H. gelijck in de feftienfte Figure is geleert, de welcke aengewefen wort om de boogh-fteenen (alhier in vijftienen verdeylt)haer geftalte