Pagina:Het leven der bloem (1900).djvu/53

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd

41

DE MEELDRADEN EN HET STUIFMEEL.



De bekende koekoeksbloemen leveren hiervan voorbeelden, zoowel de roode, in onze bosschen algemeene soort (Lychnis diurna) als de grootere, witbloemige soort onzer duinen en zandgronden (L. vespertina). Hier zijn de bloemen met meeldraden op deze, de bloemen met stampers op gene exemplaren vereenigd.

Fig. 24.

Het leven der bloem (1900) p053 fig24.png

Pluim van een mannelijke plant van hennep.


Het is gemakkelijk zich hiervan te overtuigen, zoo men een aantal bloemen openscheurt. Doch zelfs dit is niet noodig. Bij eenige oplettendheid ziet men toch dat sommige planten volstrekt geene vruchten aanzetten, terwijl andere daarmede rijk beladen zijn. Het is wel overbodig op te merken, dat de eerste slechts bloemen met meeldraden of zoogenaamde mannelijke bloemen voortbrengen, de laatste daarentegen de stam-