Pagina:HuygensCornelieDarwinMarx1901.djvu/112

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen

101

de vóórgeschiedenis der menschelijke maatschappij."

Men ziet, bij het vergelijken van de gewoon en cursief gedrukte volzinnen, op welke wijze Bernstein citeert! Na dat aldus verminkt citaat gaat hij aldus voort:

"Allereerst zij opgemerkt, dat de slotzin en het woord "laatste" in den voorafgaanden zin niet bewijsbaar, doch meer of minder gegronde vermoedens zijn.

"Beschouwt men de overige zinsneden, dan valt, afgezien van het "langzamer of sneller" (waarin zeker zeer veel ligt) vooral de stellige inkleeding op. Zoo worden in de tweede der aangehaalde zinsneden "bewustzijn" en "zijn" zoo scherp tegenover elkaar gesteld, dat de conclusie voor de hand ligt, dat de menschen enkel beschouwd worden als levende werktuigen van historische machten, wier arbeid zij werkelijk zonder te weten en te willen uitvoeren.

"En dit wordt slechts ten deele verzacht door een hier als "ondergeschikt weggelaten" zinsnede, waarin de noodzakelijkheid betoogd wordt, om, bij sociale omwentelingen, te onderscheiden tusschen de stoffelijke omwenteling in de productievoorwaarden, en "de ideologische vormen waarin zich de menschen dit conflict bewust worden en het uitvechten." Over het geheel vertoont zich het bewustzijn en het willen der menschen als een factor, die zeer ondergeschikt is aan de stoffelijke beweging."

Op al die door Bernstein als ondergeschikt verklaarde zinsneden komt het nu echter, zonder dat hij dit in de verste verte vermoedt, juist aan. Het ingewikkeld geestelijk proces onder de menschen, krachtens hun verschil