Pagina:HuygensCornelieDarwinMarx1901.djvu/27

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen

16

sterk uit. Niet minder sterk dan bij al die terugwillers naar vroegere denkers uit verleefde tijdperken. Zij begrijpen blijkbaar niet, dat de arbeid van een Kant slechts zijn groote waarde behoudt als onmisbare schakel in de grootsche ideeën-ontwikkeling en in verband met het geestesleven van zijn eeuw, inzonderheid als terugslag op de materialistische school in Frankrijk. Evenmin schijnen zij te begrijpen, dat een geniaal denker als Kant, levend in deze eeuw, de eeuw der natuur-openbaringen, de eeuw van een Darwin en Spencer en Marx, in een geheel andere richting zou hebben gewerkt dan in zijn tijd. Zijn eerste machtige proeven op natuurgebied, in overeenstemming met Laplace, geven te meer recht dit aan te nemen.

Een tweede kenmerk van onzuiverheid van begrip bij de Neo-Kantiaansche Marxisten is hun onbezweken individualisme, hun dualisme, de onbewustheid aangaande het streng oorzakelijk verband der dingen, waarvan dat terugwillen een uiting is. Het is een herleving van de burgerlijke ideologie, die zien doet de groote individualiteiten als profeten, als de bewuste leiders van een onbewuste mensch-kudde, inplaats van ze te beschouwen als de verschijningsvormen van de grootsche wereldontwikkeling, waartoe het schijnbaar nietigste individu-atoom het zijne bijdraagt. Evenmin als de natuur—zoo ongeveer als een persoon die zich in de richting zou hebben vergist—op hare schreden terugkeert naar vroegere overwonnen biologische vormen, evenmin keert de wetenschap of de wijsbegeerte, of welke tak van onderzoek ook, terug naar oude verleefde denk-