Pagina:Korte beschrijving van het dorp loemel en deszelfs omtrek.djvu/33

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is niet proefgelezen

( 29 )

toen behoorende onder het Aarts-ſtift Keulen[1], loopende voords met een kromte noordwaards op tot de ſtad Gelder, en van daar, met eenige bogten, weder zuidwaards tot de ſtad Venlo, langs de muuren van welke ſtad zij in de Maas viel.

Men ziet de gracht op verſcheide kaarten van het Overkwartier van Gelderland afgebeeld, en onder anderen in den Atlas van J. Jansonius, met een kort verhaal daarbij gevoegd. [2].

Zij kreeg naar de voorvermelde Aarts-Hertogin Isabella Klara Eugenia den naam van Eugeniaſche gracht, ook wierd zij genoemd St. Maria gracht.

De uitvoering van het werk werd den Graaf Hendrik van 's Heerenberg, die daartoe een goed aantal krijgsvolk onder zijn bevel had, aanbevolen; hij zelf groef in naam van den Koning van Spanje en de Aarts-hertogin, op den 21 September 1626,

de

  1. Zie A. F. Busschings Geographic, vertaald door J. de Jong, III deel, 2de ſtuk, bl. 1136. Tegenvoordigen ſtaat van alle Volken, VIII Deel, bl. 1136.
  2. In het III deel, herdrukt te Amſt. 1653, letter R.