Pagina:Korte beschrijving van het dorp loemel en deszelfs omtrek.djvu/35

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is niet proefgelezen

( 31 )

niet weg liep[1]; volgens verhaal van W. A. Bachiene zouden de ſteden Rhijnberk, Gelder en Venlo deezen aanleg hebben moeten bekostigen, welke daar voor ten interest der opgeſchoten gelden de tollen der doorvaarende ſchepen genieten zouden[2].

Het gerucht was wel hier te lande, dat door middel deezer gracht het water uit den Rhijn boven Schenkenſchans zou kunnen worden afgeleid in de Maas, en daar door de rivieren, waarin de Rhijn zich hier te lande verdeelt, zouden droog loopen, maar de hooge ligging van den grond, die alle moeite vereischte, om de gracht zelf met water te vullen, toonde genoeg de ongegrondheid dier vrees; doch het oogmerk der Spanjaarden was wel deels, om de ſtrooperijen van het Staatſche krijgsvolk en de nadeelen daar door te weeg gebragt te beletten, maar vooral was hun bedoeling, om door die gracht het hout, ijzer en andere

koop-

  1. H. Groth obſidio Grollae cum annexis, Amſtel. ap. G. Blaeu, 1629, pag. 5.
  2. In A. F. Busschings Geographie, IV deel 4 ſtuk, bl. 1101.