Naar inhoud springen

Pagina:Lootens, Chants populaires flamands (1879).pdf/324

Uit Wikisource
Deze pagina is niet proefgelezen

304

3. Narrations.

I. Mi Ansje 264
II. De Kindermoordster 266
L'Infanticide 267
III. Mevrouw van Leggen 267
IV. De Ondertrouwde 269
V. De Kreupelaar 271
VI. De Bruidstooi 272

4. Tellingen.

I. Vrouw moeder, 'k heb er zoo een goeden man 273
II. Er zat een katje aan de zee 276
III. Eene. Gedoold naar een arm huizetje 277
IV. Ik wil dat er een koei in d'halle zate 282
V. Er zoud een visscher uit visschen gaan 282
VI. Palme zondag 283
VII. Er komt een meisje voorbij mij gegaan 285
VIII. 'k Naai u in een werke sargie 286
IX. Sinte Pieter, met uw sloters 286
IX. Een, twee, drie, roo zijden draad 288
XI. Mijn hinnetje en mijn haantje 290

Notes et Additions 293
Corrections 298