Pagina:Winkler-Zand en duinen (1865).djvu/50

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd
38
VERSTUIVEN DER DUINEN.

duinen, dan zou er thans reeds van geheel Nederland weinig meer over zijn dan de naam.

En zoo als het op de sleeswijk-holsteinsche en deensche en hollandsche kusten gaat, gaat het ook op de fransche kust. Onbekende oorzaken hebben een nieuwe kracht gegeven aan de verwoestingen der zee op de westkust van Frankrijk sedert het begin dezer eeuw. Tusschen 1830 en 1842 ging de Point de Grave op de noordzijde van de Gironde 180 mètres of ongeveer vijftig voet in het jaar terug; van het jaar 1842 tot 1846 ging dat afknagen van het land nog driemaal sneller voort, en het verlies was in die vier jaar meer dan zes honderd voet breedte. Alle gebouwen op het uiteinde van het schiereiland zijn afgebroken en verder landwaarts in weder opgebouwd, en de vuurtoren van Point de Grave beslaat nu reeds zijn derde standplaats.

Men kan niet beweren dat de magt van den mensch in staat is om de verwoestingen der zeegolven ten eenenmale te keeren door de stranden te beplanten en de duinen te bedekken met bosch. Zoowel in Frankrijk als in ons land is het noodig geweest op sommige plaatsen de duinen te beschermen door paalwerken en steenglooijingen, maar de ondervinding heeft ten volle bewezen dat het beplanten der duinen een afdoend middel is om het verplaatsen dier heuvels tegen te gaan en hun verstuiven over het bebouwde land te beletten, en dat ten zelfden tijde die beplantingen het landwaarts indringen der wateren zeer tegenhouden. Doch op dit punt komen wij straks terug.