Algemeen Handelsblad/Jaargang 92/Nummer 29436/Ochtendblad/Tijdschriften

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Tijdschriften
Auteur(s) Anoniem
Datum Vrijdag 28 februari 1919
Titel Tijdschriften
Krant Algemeen Handelsblad
Jg, nr 92, 29436
Editie, pg Ochtendblad, Tweede Blad, 7
Algemeen Handelsblad vol 092 no 29436 Ochtendblad Tijdschriften.jpg
Brontaal Nederlands
Bron delpher.nl
Auteursrecht Publiek domein

TIJDSCHRIFTEN.

      Het Orgaan van de Nederl. Ver. voor Ambachts- en Nijverheidskunst geeft een lijstje van aanvragen, die zijn binnengekomen bij het College van Advies voor opdrachten, waarbij o. a. van het Ministerie van Waterstaat omtrent het ontwerpen van nieuwe postzegels; van den Ned. Klokken- en Orgelraad betreffende den bouw van een orgel; van de directie van het Amsterdamsche trambedrijf voor nieuwe tramwagens, en verder van drukwerk van allerlei aard.
      In De Stijl geeft Piet Mondriaan een dialoog over de nieuwe beelding; Rob. van ’t Hoff schrijft over architectuur en haar ontwikkeling bij een reproductie naar een werk van Lloyd Wright en Theo van Doesburg zet zijn beschouwing over ’t zien van nieuwe schilderkunst voort, tevens ontwikkelt hij zijn ideeën over moderne wendingen in het kunstonderwijs.
      De Kunstchronik bevat een stukje van Otto Grautoff over de opzienbarende Parijsche Rodin-zaak, die gaandeweg geworden is tot een onontwarbaar kluwen van waarheid en leugen, waarbij de talrijke verdachten ieder voor zich de schuld van zich af en elkaar trachten toe te werpen. Een van de heftigste der beschuldigende stemmen is die van Judith Cladel, de dochter van Rodin’s intiemen vriend Léon Cladel; zij verdedigt den overleden meester tegen degenen, die zoo ver gaan om hem mee in den kring der verdachten te trekken: hij zou, volgens hen, zelve nooit het marmer hebben aangeraakt en het vergrooten van zijn ontwerpen aan andere hebben overgelaten. Schrijver legt ten slotte het getuigenis af, daf hij zelve meermalen Rodin bezig zag, werkend in marmer.
      In de necrologie worden de overleden schilders Th. Hagen en Th. Funck herdacht, alsmede de directeur van het Wallraf-Richartz-museum te Keulen, dr. Josef Poppelreuter.
      Het Louvre is weer voor een deel geopend: de Assyrische verzameling, de antieken-afdeeling, de ceramiekzaal en de Renaissance-afdeeling zijn weer te zien. Te Londen wordt een nieuw museum van vreemde moderne kunst gesticht door den bekenden handelaar Joseph Duveen. De collecties Lane en Salting zullen er in worden opgenomen met schilderijen van Diaz, Corot, Degas, Courbet en andere Fransche tijdgenooten.