Anoniem/Technische Vakvereeniging Afdeeling Amsterdam

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Technische Vakvereeniging Afdeeling Amsterdam
Auteur(s) Anoniem
Datum Zaterdag 7 april 1900
Titel ‘Verslagen. Technische Vakvereeniging Afdeeling Amsterdam. Vergadering van 21 maart 1900’
Tijdschrift Architectura
Jg, nr, pg 8, 14, 108
Opmerkingen Verslag van een lezing van Joseph Cuypers
Genre(s) Proza
Brontaal Nederlands
Bron libserv.tudelft.nl
Auteursrecht Publiek domein

VERSLAGEN.

TECHNISCHE VAKVEREENIGING
AFDEELING AMSTERDAM.
VERGADERING VAN
21 MAART 1900.


      In deze vergadering hield de heer Joseph Th. J. Cuypers, architect Ingenieur alhier, eene kunstbeschouwing over Arabische kunst, waarvoor door spreker eene fraaie verzameling teekeningen en platen van Arabische kunstwerken waren tentoongesteld. Aan sprekers beschouwing ontleenen wij het volgende. De Arabische kunst, zoo geheel verschillend met de kunstuitingen van andere volken, staat in nauw verband met de meetkunde, elke versiering, hetzij eene bandversiering of een vlechtwerk, heeft tot grond eener geometrischen vorm. In hoofdzaak zijn het negen regelmatige veelhoek-systemen, die onderling gecombineerd tot een onbeperkt aantal varianten aanleiding geven.
      Daar de Arabier de werken van den Schepper niet mocht navolgen, en dus mensch, dier of plant niet tot voorbeeld nemen, bleef het beginsel bewaard en bereikte dan ook van de 12e tot de 15e eeuw haren hoogsten trap. Daarna vermengde zij zich meer met andere volken en had dit invloed op hunne kunstuitingen. Wil men een band, een vlechtwerk of in het algemeen een versiering ontleden, dan zoeke men de hoofdlijnen van de veelhoeken, die te zamen het schema van de figuur vormen
      Spreker beschreef daarna verschillende constructies voor het verkrijgen van de meest voorkomende veelhoeken, verklaarde daarna eenige der teekeningen, en wees er in het bijzonder op, hoe men door het gebruik van vaak zeer eenvoudige geometrische figuren, zulk een fraai geheel kan vormen.
      De 70 aanwezigen gaven door een luid applaus hunne ingenomenheid met het gehoorde te kennen, waarna nog geruimen tijd de verschillende plaatwerken werden bezichtigd.