De Génestet/Verliefd

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Vreemdelingen

IV. Verliefd

Mijn lieve vriend, gij zijt verliefd,
  Gij voelt een nieuwe smarte;
’t Wordt in uw hersens duistre nacht,
  De dag rijst in uw harte!

Mijn lieve vriend, gij zijt verliefd,
  Wat jok–, wat wrok–, wat mok–je?
Reeds slaan de vlammen van uw hart
  Door uw nieuwmodisch rokje!