Koninklijke Courant/Jaargang 1809/Nummer 25/Leerdam den 26 Januarij

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
‘Leerdam den 26 Januarij’ door een anonieme schrijver
Afkomstig uit de Koninklijke Courant, maandag 30 januari 1809, [p. 1-2]. Publiek domein.


[ 1 ]

Leerdam den 26 Januarij.

Heden heeft de Koning, door den minister van binnenlandsche zaken verzeld, den Diefdijk bezocht. Z. M. heeft bevonden, dat alle de heemraadschappen op hunne posten, alle werklieden aan hunne wachtplaatsen en alle voorzorgen genomen waren. De overlaten van Asperen en Dalem hebben begonnen te werken. Het water is gezakt; doch de ingevallen dooi zal het weder doen rijzen.

Z. M. is minder vergenoegd geweest over de burgerlijke machten, waar van echter moeten worden uitgezonderd, zoo de gemeente-besturen, die in de dorpen alles bijbrengen, dat in hun vermogen is, en de heer Repelaer, drost van het 3de kwartier van Maasland, welke zijne pligten niet slechts met ijver, maar ook met genoegen waarneemt. In rampen van dien aard, als de Betuwe treffen, zou het noodig zijn, dat de gemeente-besturen, en vooral de hoogere-besturen, overal wezen, en, als ’t ware, zich vermenigvuldigen konden. De dijkbreuken in de Betuwe zijn onder buitengewone omstandigheden voorgevallen; en de eigenaars, die, om het belang hunner landhoeven, een uur verre in de overstroomde landen gebleven zijn, voorzien niet welk gevaar zij bij het losbreken der rivieren zullen loopen. De administratien, welke, door hare meerdere, magt, toezigt over de gemeente-besturen hebben, behooren alle mogelijke middelen aantewenden, om de communicatie open te houden met alle plaatsen, zonder uitzondering, die door overstrooming van de anderen zijn afgesneden, dezelve de noodige hulp, berigten en orders te doen toekomen, en premien uit te loven, als ook alle aanmoedigingen te geven, gelijk mede zich te verzekeren, dat niets hunne waakzaamheid ontsnapt. De jonge de Vries, te Culemborg, heeft op schaatsen communicatie gehouden met Buren, Tricht en Beest. Sedert 24 uren zijn twee molens en een huis in de overstrooming ingestort; gelukkig heeft niemand daarbij het leven verloren. Eenige schouten uit den omtrek, die verre van hunne plaatsen woonden, en zoo min derzelver situatie kenden, als er berigten uit ontvingen, zijn gelast geworden zich derwaarts te begeven, en er zoo lange te verblijven, als eenig het minste gevaar die plaatsen bedreigen zal. [ 2 ] De ovenstrooming strekt zich niet alleen uit tot het departement Gelderland, maar ook door de jurisdictie van Arkel, Henkelom en Asperen, tot Maasland. De heer Gevers van Endegeest, commissaris-generaal van den waterstaat, is provisioneel belast met de functien van drost in dat gedeelte van Gelderland, als zijnde de drost van de Betuwe, door de doorbraak van Lent, belet zich derwaarts te begeven, en behoevende dezelve, boven dien, hulp, uit hoofde zijner hooge jaren.