Leydse Courant/Jaargang 1828/Nummer 78/Londen den 25 Junij

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
‘Londen den 25 Junij’ door een anonieme schrijver
Afkomstig uit de Leydsche Courant, maandag 30 juni 1828, [p. 2]. Publiek domein. De titel van dit artikel is omwille van de leesbaarheid verbeterd.

[ 2 ]  LONDEN den 25 Julij. Met de Paketboot Duke of Kent heeft men berigten van Lissabon tot den 17 dezer ontvangen.
 In een brief van den 16., daarmede overgebragt, leest men het volgende: „In den avond, van den 14., is een koerier, uit het noorden aangekomen, en daarop heeft men terstond het gerucht verbreid, dat de troepen voor Don Pedro een belangrijk voordeel op de Miguellisten hadden behaald en op Lissabon aanrukten; een gerucht, hetwelk eenigzins bevestigd werd door het onverwacht vertrek van het 19de regiment infanterie en de ruiterij der politie. Ook de militie van Lissabon heeft last bekomen, om te vertrekken, doch heeft dit geweigerd, indien men haar hare vorige officieren niet terug gaf; iets, hetwelk de Miguellisten niet raadzaam hebben geoordeeld.
 Waaruit men veilig besluiten mag, dat het Koninglijk gezag van Don Miguel, den 16., te Lissabon nog stand hield, waar men, intusschen, volgens de Ministeriele dagbladen voortging met allen, welke men verdacht hield, in hechtenis te nemen.
 De dagbladen van Lissabon melden niets van den staat der zaken in het Noorden. Naar hetgeen men uit het Ministerieel avondblad opmaken moet, zouden de Cortes van Lamego den 17. te Lissabon vergaderen en Don Miguel de Koninglijke waardigheid opdragen. Van de tijding, dat de troepen voor Don Pedro van de Mondego zouden terug gekeerd zijn, meldt men aan de zijde van Don Miguel niet nader.
 Uit de berigten van Oporto tot den 12. ontvangen, blijkt, dat, terwijl de massa der troepen voor Don Pedro, tot aan Coïmbra voortgetrokken was, de guerillas der Miguellisten, welke het land een Noorden van Oporto doorkruisten, onder aanvoering van den gewezen Gouverneur Texeira, die stad hadden willen overvallen, doch door de weinige daargeblevene troepen en de gewapende burgers van Vallongo, hetwelk zij reeds bereike hadden, verdreven waren; terwijl zij niet eens de voor Don Pedro strijdende afgewacht, neen, maar dadelijk mee achterlating van 50 gevangenen, tot Baltar, op den weg naar Permafiel, de vlugt genomen hadden.
 In Portugal verwachtte men elk oogenblik de aankomst van het linieschip Joao VI. uit Rio Janeiro; maar dewijl de Bevelhebber Vasconcellos een standvastig voorstander van Don Pedro was, dacht men, dat hetzelve van den staat der zaken onderrigt, regtstreeks koers zoude gerigt hebben naar Oporto. De Engelsche scheepsmagt op de Taag was dezer dagen vermeerderd.