Pagina:Album der Natuur 1852 en 1853.djvu/629

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen


 

IETS OVER DE NEGERS.

DOOR

Dr. D. LUBACH.

 

 

H ebt gij "de Negerhut" gelezen? En, zoo ja, is dan uwe gansche ziel niet in opstand gekomen tegen het afschuwelijke stelsel van slavernij, dat, tot eeuwige schande van onzen tijd, nog altijd gehandhaafd wordt door natiën, die zich beschaafd noemen, en zich op menschelijkheid, regtvaardigheid en godsdienstigheid verheffen? Voorzeker, sedert wilberforce, verhief zich tegen dien gruwel geene zoo krachtige stem, als die van Mrs. stowe. Geene betoogen, geene declamatiën konden ooit iets uitwerken, dat gelijk staat aan den indruk, dien de lezing van Uncle Toms Cabin alom te weeg bragt. Gij gevoelt, bij het lezen van dat verhaal, — waarin alles, ook het ijsselijkste, zoo natuurlijk toegaat,—dat hier aan geene overdrevens of valsche voorstelling kan gedacht worden, omdat er alleen zulke feiten vermeld, zulke gebeurtenissen verhaald worden, die de noodzakelijke en onvermijdelijke gevolgen zijn van het bestaande stelsel, en die dus, zoolang dat stelsel gehandhaafd wordt, en de aard der menschen blijft zoo als hij is, van zelve dagelijks moeten plaats vinden.

Het kan mijn voornemen niet zijn hier te spreken over de slavernij, haren aard en wezen, en het geoorloofde of ongeoorloofde daarvan. Die zaak behoort, in haren geheelen omvang, te huis op een ander gebied, dan dat, waarop zich het Album der Natuur beweegt. Toch is zij op dit laatste niet geheel vreemd. Want een der gewigtigste gronden, met welke men soms de slavernij der Negers tracht te verschoonen, zoo niet te verdedigen, is geheel van physischen aard. Ik bedoel de bewering, dat de Negers eigenlijk