Pagina:Album der Natuur 1852 en 1853.djvu/69

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd

— 45 —

Maar, als men eens nagaat, hoe groot de massa van zoodanige stoffen in de planten is, en hoe gering de hoeveelheid daarvan is, die in het water mag opgelost wezen, indien dit niet door te groote digtheid of lijvigheid ongeschikt zal worden om in de planten door te dringen, dan is daaruit te besluiten tot de schier onmetelijke hoeveelheid water, welke gedurende haar geheele leven door eene enkele plant moet trekken, vóór zij hare geheele ontwikkeling bereikt en haar geheelen levensloop heeft ten einde gebragt.

Als het nut der uitwaseming voor de plant moet worden afgemeten naar de mate waarin zij plaats heeft, dan mag men veilig besluiten, dat deze in de daad voor de gewassen van de grootste dienst is. Wij kunnen daarvan merkwaardige voorbeelden en bewijzen aanvoeren.

Een Engelsch natuurkundige, stephan hales, schreef een boek, dat tot titel had: Groeijende Weegkunde. Hij beschreef daarin (op 't laatst der 17de eeuw) de volgende waarneming. Eene zonnebloem, die 3½ voeten hoog was, wasemde op een zeer warmen dag 1 pond en 14 oncen water uit. De uitwaseming was gemiddeld per dag 1 pond en 4 oncen; zij gaf in een warmen nacht slechts 3 oncen. Hij bevond dat planten met harde en immer groene bladen minder uitdampen dan die welke afvallen, zoo als koolsbladen, bladen van appelboomen en dergelijken. Zulke proeven zijn echter niet gemakkelijk te nemen, want men moet de uitwaseming van de aarde, waarin de planten staan, buiten rekening houden, en, zal men de som der uitgewasemde stof met eenige naauwkeurigheid bepalen, dan is het noodig, de planten af te sluiten. Er behoort ook te worden acht geslagen op de gesteldheid van het weefsel en van de massa waaruit de bladen bestaat. Maar, boven alles, zou men de vlakte-uitgebreidheid moeten kennen, over welke de uitwaseming in eenen zekeren tijd plaats heeft, en daarbij de juiste mate van vochtigheid die de wortel behoeft. Eene dikke, lederharde opperhuid, zoo als vele sapplanten, huislook, Crassula's, Aloe's hebben, wasemt weinig uit; maar deze planten behoeven ook weinig vocht. Zij groeijen vaak op steenen en rotsen. Hoe teederer, hoe dunvlieziger daarentegen de bladen zijn, des te meer wasemen zij uit. Hoe