Pagina:Album der Natuur 1852 en 1853.djvu/70

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd

— 46 —

grooter daarbij het aantal der bladen is, des te meer vloeistof moet de stengel aanvoeren.

Een lindenblad van middelmatige grootte heeft door elkander 100 vierkante duimen uitgebreidheid. De som der beide oppervlakten is dus 2 vierkante palmen. Als een lindenboom heeft 25000 bladen, dan geeft de som der gezamenlijke bladen eene uitgebreidheid van 500 vierkante ellen: 2000 boomen geven alzoo eene oppervlakte van eene vierkante mijl, en van 1186000 boomen geven de gezamenlijke bladen eene oppervlakte van 593 vierkante mijlen, zijnde de uitgestrektheid van het koningrijk der Nederlanden. Wij willen gaarne toestemmen dat deze berekening niet vrij is van onzekerheid en welligt zelfs van overdrijving. Wij staan toe dat het bepalen van het aantal bladen, gelijk wij beproefden, slechts eene raming kan zijn. Maar wij zouden toch durven aannemen, dat menige boom ½ milioen bladen heeft, en beweren, dat de gezamenlijke uitgebreidheid der bladen van menig uitgestrekt boschrijk landgoed, die van onzen vaderlandschen bodem overtreft. Wordt nu daarbij in aanmerking genomen, hoe weelderig de natuur is in de tusschen-keerkringslanden, hoe reusachtig de boomen, hoe uitgestrekt de bosschen zijn, hoe alles begroeid is, hoe weelderig de kruiden wassen onder die hooge boomen, en hoe hoog de warmtegraad is—dan laat het zich eenigermate verklaren, waarom er eene onafgebroken vochtigheid in die bosschen is, waardoor ze dikwijls ontoegankelijk zijn, en in welke mate zij, door de eeuwigdurende uitwaseming op de oppervlakte, met den toestand van den dampkring in een naauw verband staan.

Er zouden reeksen van proeven noodig zijn om de hoeveelheid vochts, door eenen enkelen boom uitgewasemd, te bepalen. Wat wij thans daarvan kunnen in het midden brengen, berust grootendeels op eene benadering, waarvoor echter eene voor vele jaren genomen proef op eene andere plant tot grond is genomen. Als elk lindenblad van 1 Junij tot half October, dus gedurende 137 dagen, 's daags 5 wigtjes water uitwasemt, dan bedraagt de massa vochts, die, in den genoemden tijd, trekt door eenen boom, die met 25000 bladen beladen is, 17125 Nederl. ponden of kannen of 171⅛ kubieke