Pagina:Album der Natuur 1852 en 1853.djvu/700

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd

— 280 —

2 à 3 Ned. strepen breed. Men plaatse eene naainaald in een stukje kurk, met de punt naar boven; vouwe het strookje papier in het midden zamen, om de uiteinden gelijkmatig te kunnen afknippen, nu ontvouwe men het strookje papier weder gedeeltelijk, en plaatse het op de punt der naald, in het midden van de vouw,—en die toestel is klaar.

De half digtgebogen hand nabij en om dit toestelletje gebragt, doet het papiertje op de punt der naald omdraaijen. Dit is, zegt men, het gevolg van eenen magnetischen stroom, die uit uwe hand vloeit; want, dus vervolgt men, als gij de regterhand er bijbrengt, zal de rigting, waarin het papiertje draait, tegenover gesteld zijn aan die, waarin het zich beweegt, wanneer gij er de linkerhand bijbrengt. Zulks is echter niet het doorgaande geval, maar hangt af van de rigting waarin, en de behoedzaamheid waarmede gij uwe hand er toe doet naderen.

Doch uwe hand heeft er niet noodzakelijk mede te maken!

Zet een half rond gebogen stuk bordpapier, blik, ijzer, zink of eenig ander cylindervormig gebogen voorwerp bij den toestel,—het draaijend verschijnsel zal hetzelfde zijn. Zoo men eene groote, ronde spanen lucifers-doos neemt, deksel en lucifers ter zijde legt, den bodem uit de doos drukt, en nu uit den dunnen houten cylinder, dien men alzoo verkrijgt, een stuk van omstreeks 6 Ned. duimen knipt, en den aldus in zijne lengte geopenden cylinder om den toestel zet, dan draait het papiertje dat het een lust is. Zet men voorzigtig eene kleine glazen stolp of wijd bierglas over een en ander, dan houdt onmiddelijk het draaijen op.

Mogt de proef in een zeer klein vertrek genomen worden, waar (bijna ondenkbaar) geene de minste luchtstrooming plaats vindt, welnu, men behoeft het tot omsluiting gebezigd wordende voorwerp slechts eenigzins te verwarmen, hetzij door de hand of boven vuur, en dit verschil van temperatuur met de omringende lucht is voldoende, om eene, wel voor het fijnste gevoel onmerkbare, maar genoegzaam krachtige luchtstrooming langs den wand van het rondgebogen en verwarmde voorwerp te doen ontstaan, om het papiertje snel te doen ronddraaijen. Wil men het draaijen evenwel juist door een dierlijk