Pagina:Album der Natuur 1854 en 1855.djvu/165

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen

— 151 —

Nog het snelst welligt is de groei der planten, die de familie der paddenstoelen (Fungi) zamenstellen. Weinige uren zijn soms voldoende om eene zoodanige plant van tamelijken omvang haren geheelen wasdom te doen verkrijgen. De daartoe behoorende Bovista gigantea vormt gemiddeld elke minuut ongeveer 20,000 cellen, en ward zag eenen Phallus foetidus in 35 minuten, 76 strepen hooger worden, terwijl hij binnen 1½ uur zijne volle hoogte van 101 strepen bereikt had.

Omzetting, verwerking, wisseling van stoffen, vorming van nieuwe weefsels, instandhouding der reeds bestaande, en dat alles vergezeld van die bewegingen, welke vereischt worden om stoffen af- en aan te voeren, ziedaar derhalve de verschijnselen waardoor zich het leven openbaart. Neem de plant uit den bodem, waaruit zij hare sappen opzuigt, en gij ontneemt haar eene der hoofdvoorwaarden van haar bestaan, zij verwelkt weldra en sterft. Belet het dier de ademhaling, zijn bloedsomloop houdt op, en binnen weinige oogenblikken heeft het leven plaats gemaakt voor den dood, voor den toestand, waarin alle vorming van nieuwe weefsels, alle stofwisseling, die de instandhouding van het individu ten doel heeft, heeft opgehouden, en waarin integendeel de ontbinding aanvangt, het verbreken van het vroegere verband waardoor tot dusver de verschillende bestanddeelen van het ligchaam te zamen vereenigd werden gehouden.

Inderdaad, indien men aldus leven en dood tegen elkander overstelt, dan komt men tot het straks genoemde besluit, dat een diepe onoverkomelijke kloof beide vaneen scheidt, dat beiden in aard en wezen geheel verschillend zijn, dat het eene den anderen noodzakelijk buitensluit, met andere woorden: dat er eene scherpe afscheiding bestaat tusschen de levende en de doode natuur, zoodat men alles wat bestaat hetzij tot de eene, hetzij tot de andere kan brengen. Het zal ons echter blijken, dat, indien wij niet op enkele gevallen maar op de natuur in haren geheelen omvang het oog vestigen, dit besluit als voorbarig moet worden aangemerkt.

 

 

Leven is werkzaamheid, maar de mate dier werkzaamheid kan verschillen. Zagen wij haar zoo even in al hare kracht, thans moeten wij