Pagina:Album der Natuur 1854 en 1855.djvu/299

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen

— 285 —

omstandigheden en vooral in fabrieken van groot nut zijn, en vooral in zulke, waar of de lucht voortdurend door schadelijke of vergiftige stoffen wordt bezwangerd, of waar de lucht door fornuizen, stoomketels enz., bovenmatig wordt verhit, en dus naar koude, versche lucht, die ten gevolge der verijling door vele aangebragte openingen binnenstroomt, wordt gesnakt.

Daar wij echter hier vooral de aandacht willen vestigen op de ventilatie onzer woonvertrekken, waar die mechanische middelen meestal niet toegepast kunnen worden, zullen wij de tweede soort van kunstmatige ventilatie, die het voordeel aanbiedt om 's winters de vertrekken tevens te verwarmen, en zoo men wil om 's zomers de vertrekken te verkoelen, hier eenigzins uitvoeriger moeten bespreken. Zij berust, zoo als gezegd is, op de uitzetting der lucht door kunstmatig aangebragte warmte; hoe die verwarming der lucht geschiedt door oppervlakten die onmiddelijk door vuur of door warm water of door waterdamp zijn verhit, doet tot de zaak der ventilatie minder af, ofschoon wij niet uit het oog moeten verliezen, dat het strijken van lucht over gloeijende, vooral metalen oppervlakten de zamenstelling der lucht kan veranderen, vooral daar in de lucht, behalve waterdamp, die door gloeijend ijzer ontleed wordt, ook zwevende deeltjes van organische stoffen zijn, die, door de gloeijende oppervlakten ontleed, een brandigen reuk aan de op deze wijze verwarmde lucht kunnen geven. De waterdamp of stoomverwarming heeft gevaren, die, weliswaar, in veel mindere mate aan de warmwater-verwarming eigen zijn. In zuinigheid en vooral wat de kosten van aanleg betreft, kunnen echter beide niet wedijveren met de dadelijke verwarming door vuur; bij deze laatste echter moet zorg gedragen worden, dat de verwarmende oppervlakten niet tot gloeijing worden gebragt.

Ten opzigte van de wijze om door verwarmde lucht gedurende den winter te ventileren, bestaan twee bijna lijnregt tegenovergestelde denkbeelden; na het vroeger medegedeelde zal het ons echter gemakkelijk zijn te beslissen, aan welke dezer beiden de voorkeur moet worden gegeven.

Volgens sommigen moet de zuivere verwarmde lucht van onderen