Pagina:Album der Natuur 1854 en 1855.djvu/494

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is niet proefgelezen

— 84 —

moeijelijk te ontdekken, dat zijne handelwijze op een' zuiver wiskundigen grondslag rust en dat zijn werktuig, zoo het slechts met de noodige juistheid is vervaardigd en met de noodige omzigtigheid wordt gebruikt, inderdaad alle berekening onnoodig maakt,[1] Men kan het bij elken boekhandel bestellen, onder den naam: Instrument zur Bestimmung der Zeit aus der Sonnenhöhe etc. von seiler, Lehrer zu Fröbel bei Gross-Glogau, Glogau, Verlag von c. flemming 1853. Bij de bestelling moet men de Poolshoogte der plaats, waar men het werktuig gebruiken wil, opgeven, want de verdeeling op de beweegbare strook hangt van de Poolshoogte af. Het werktuig wordt zonder voetje afgeleverd, en komt wijders, met al zijn toebehooren, hier te lande op f 8,50 te staan.

Het werktuig van eble bestaat uit twee hoofddeelen: een houten sextant, om de hoogte der zon te meten, en een net meteene schaal, om, door afpassing, uit de gemetene hoogte den waren tijd af te leiden. Het sextant van eble is, om zijne groote afmetingen, zijne doelmatige inrigting, en de juistheid zijner uitvoering, boven alle vroegere werktuigen van dien aard ver te verkiezen, en door het net met de schaal heeft eble een zeer vernuftig middel gevonden, om den waren tijd, uit de hoogte der zon, zonder berekening af te leiden. Het sextant, dat hiernevens is afgebeeld, bestaat uit een houten raam, met vernis overtogen, en rustende op een houten voetje, dat men met het werktuig ontvangt. Het onderdeel van het voetje is een plankje, staande op drie houten schroeven, en het bovendeel laat zich, met het werktuig, omdraaijen, terwijl het plankje zijnen stand behoudt. Het sextant wordt tusschen koperen veeren, aan het bovendeel van het voetje, geklemd, en wel in zulk eenen stand, dat het d warslatje omtrent naar de zon is gerigt. Door de stelschroeven wordt het dwarslatje naauwkeurig


  1. Ik zoude gaarne, ten behoeve van hen die eenige bedrevenheid in de wiskunde bezitten, de wezenlijk niet onaardige wiskundige theoriën vermelden, op welke de werktuigen van seiler en eble berusten, maar ik heb misschien reeds te veel op mijn geweten, door het Album der Natuur, ten tweede male, met sterrekundige werktuigen te bezwaren. Zijne bezoedeling met wiskundige formulen zoude ik niet voor mijne verantwoording durven nemen.