Pagina:Album der Natuur 1854 en 1855.djvu/593

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd

— 183 —

vraatzucht voor den mensch het meest te duchten zijn. Onder anderen geldt dit voor den jonker-visch in de Middellandsche Zee, die voor zwemmenden of badenden door zijne beten zeer lastig wordt genoemd, doch vooral is hetzelfde waar voor eenige Belone-soorten, en voor de Sphyraena's of zoogenaamde "barracuda's."

BELONE-SOORT (bek).

BELONE-SOORT (bek).

Zij staan beide als "zeesnoeken" bekend, ofschoon de laatste niet tot de snoeken-familie behooren, maar tot de Percoïden. Bij Jamaïca en op andere plaatsen in de West-lndiën heeft men "barracuda's" gezien van 3 ellen. Voor zwemmers zijn zij bijzonder gevaarlijk, te meer daar zij zich niet laten verjagen, welk geraas men ook maken moge; zóó belust zouden zij zijn op menschen-vleesch! Waar er echter sprake is van visschen, welke begeerig zijn naar menschenvleesch,—daar mag de groep der haaijen niet worden vergeten. In hunne familie worden de grootste en zwaarste zee-visschen gevonden; onder hen is de Squalus carcharias het meest berucht, eene soort, die 8 tot 10 ellen lengte kan bereiken, zelfs meer.

SQUALUS CARCHARIAS. (de menschen-vreter.)

SQUALUS CARCHARIAS. (de menschen-vreter.)

Zoo deelde bowerbank in de British Association van 1851 mede, dat een individu van de in de Australische zee levende Carcharias glaucus, door een' walvischvaarder gevangen, eene lengte vertoonde van 37 E. voeten (omstreeks 12 ellen). De afmetingen van zijnen geopenden