Pagina:Darwin - Het ontstaan der soorten (1860).djvu/13

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd
VII
INHOUD.


ZESDE HOOFDSTUK.

BEZWAREN TEGEN DE LEER.


Bezwaren tegen de leer van de afstamming met wijzigingen.—Overgangen.—Afwezigheid of zeldzaamheid van overgangrassen.—Overgangen in de gewoonte en levenswijs.—Verschillende gewoonten van de zelfde soorten.—De gewoonten der eene soort wijken zeer af van die der anderen.—Zeer volkomene werktuigen.—Middelen ter overgang. — Moeijelijke gevallen.—De natuur maakt geen sprongen.—Onbelangrijke werktuigen.—De werktuigen zijn niet in alle opzigten volmaakt.—De wetten der eenheid van den grondvorm en die der voorwaarden van het bestaan worden gevolgd in de leer der natuurkeus........Blz. 184—221.


ZEVENDE HOOFDSTUK.

OVER HET INSTINKT.


Het instinkt kan met de gewoonte vergeleken worden, maar beiden zijn van verschillenden oorsprong.—Onderscheidene graden van het instinkt.—Bladluizen en mieren.—Veranderlijke neigingen.—De oorsprong van het instinkt in tamme dieren.—Het instinkt van den koekoek, van den struisvogel en van de aardhommel.—Slavenmakende mieren. — De honigbij en hare cellen.—Bedenkingen tegen de leer der natuurkeus ten opzigte van het instinkt.—Onzijdige of onvruchtbare insekten.—Overzigt..........Blz. 222—255.