Naar inhoud springen

Pagina:De Groote Schouburgh Der Nederlantsche Konstschilders En Schilderessen 1718 vol 1.djvu/284

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen
236
236
Schouburgh der

leven, en bereikte eene hoogen ouderdom. Want de konstschilder Johannes Verkolje, geboren 1650, nog omgang met hem gehad, en ook zyn beeltenis in koper gebragt heeft, die wy (geen ander voorhanden zynde) gevolgt hebben. Zy staat onder aan in de Plaat L nevens een tafereeltje waar op een lantschapje geschetst staat.


Na hem volgt KRISTIAEN VAN KOUWENBERCH geboren te Delf op den 8 van Herfstmaant 1604. Hy heeft tot leermeester in de konst gehad Johan van Nes, is daar naa gereist naar Italien, van waar hy, byzonder in de konst gevordert, wedergekeert is in zyne geboortestad Delf. Daar heeft hy vele konststukken zoo Historien als naakte Beelden levensgroot geschildert en daar door veel roem behaald. Behalven op andere plaatzen zietmen ook van zyne penceelkonst in de Princelyke lusthuizen Ryswyk, en t’huis in ’t Bosch. Daar na ging hy zyn Fortuin volgende te Keulen wonen, alwaar hy overleden is den 4 van Hooimaand 1667. Onder zyne stadt-, tyd- en konstgenooten worden opgeteld:

Leonard Bramer, Pieter van Asch, Adriaan van Linschoten, Hans Jordaans, Kornelis de Man, en Johannes Vermeer.

Deze alle waren, als Dirk van Bleiswyk Evertz in ’t jaar 1667 zyn Boek, de beschryving van Delf eindigde, nog in leven.


Nu eischt ook eene plaats DANIEL VAN HEIL geboren te Brussel in ’t jaar 1604. Gelyk dezes geboortestad met die van den voorgaanden in tusschenstant verschilde, zoo verscheelden zy nog meer in de verkiezinge van hun penceelwerk. Want de voorgaande scheen

tot