Pagina:De ademhaling der planten (1878).djvu/17

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd
13
DE ADEMHALING DER PLANTEN.

die ook Ingenhousz bezielde. Overal zien wij het streven om de belangrijkste ontdekkingen uit andere vakken van onderzoek op eigen studiën toe te passen. Overal zoekt men in deze samenwerking der natuurwetenschappen het middel om de wetten te ontsluieren, die het leven van planten en dieren beheerschen.

Het besproken werk van Saussure verscheen in de eerste jaren van deze eeuw; daarop volgde een lange tijd, gedurende welken de chemische physiologie der planten bijna geen vorderingen maakte. Eerst ruim dertig jaren later werd de draad, die Saussure had laten vallen, weer opgenomen en met goed gevolg voortgesponnen.

In dien tusschentijd waren de scheikunde en de physiologie van den mensch belangrijk vooruitgegaan, en waren in deze wetenschappen nieuwe ontdekkingen gedaan, die later ook voor de physiologie der planten vruchten afwierpen. De strijd over den zetel van het ademhalingsproces in het menschelijk lichaam, die gedurende bijna een halve eeuw met heftigheid gevoerd was, had aanleiding tot vele belangrijke onderzoekingen gegeven. Lavoisier had dien zetel in de longen gezocht; hier zou het bloed de overtollige koolstof afscheiden, die dan door de zuurstof der ingeademde lucht verbrand, en als koolzuur uitgeademd zou worden. De warmte, daarbij ontstaan, zou dan door het bloed in het geheele lichaam verspreid worden. Lagrange voerde hiertegen aan, dat dan de longen warmer moesten zijn dan het lichaam, hetgeen niet het geval is. Anderen wezen op het verschil in kleur van het aderlijk en slagaderlijk bloed, dat door Lavoisier's theorie niet verklaard werd. Van beslissenden invloed waren echter de nasporingen van Edwards, die aantoonde dat kikvorschen en andere dieren in een zuurstofvrije omgeving langen tijd voortgaan koolzuur uit