Pagina:Evangelische gezangen om nevens het boek der psalmen bij den openbaren godsdienst in de Nederlandsche Hervormde gemeenten gebruikt te worden.djvu/63

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen
37
 

XX.

RUST IN GODS BESTUUR.


1.

Ons hart verheugt zich, dat bij God
’t Bestuur is van geheel ons lot.
Dat Hij ons vreugd, of ongeval.
Naar wij behoeven, zenden zal.

2.

Hij, die ons gansch bestaan doorzíet,
Houdt ook de fchaal van ons verdriet;
Zijn wijsheid weet, of ongeneugt
Ons best bereidt voor hemelvreugd.

3.

Hij, die zijn’ eigen’ weg wil gaan.
Ziet dwaallicht vaak voor starren aan.
En, gaat hij op dat schijnsel door.
Dan dwaalt hij ligt van ’t regte spoor,

4.

God kent alleen het naaste pad.
Dat uitloopt op de hemelstad;
Hij weet, wanneer in ons gemoed.
Of smart, of blijdschap voordeel doet.

5.

Daar die verwachting in ons leeft.
Behaagt ons alles, wat Hij geeft:
Wijl elke last, ons opgeleid.
Ons vormt tot hooger zaligheid.

6.

Hij, die ons leidt door ’t aardsche dal.
Die nimmer ons verlaaten zal.
Heeft zijne liefd’ en trouw verpand
Voor onze komst in ’t vaderland.


E. 3